Beelddenker en begint een versroman

IkImg_9495 sla de spade tegen de wachtende grond.
Maar steek niet door.
De witgele zon bestraalt
de zwarte voren
alsof het vanzelfsprekend is
en de aarde nodig moet worden opgewarmd
met haar verblindende goud
om het overvloedig zaad te kunnen ontvangen.
Ik probeer de traag aaneengeregen dagen
van mijn jongensjaren
te vatten in het nu.
Waar toen de koude winter kwam
met lange dagen op het ijs
als herfst stormachtig wijken moest
slechts bladgoud achterlatend
en wulpse lentegeuren
langzaam maar zeker
vergingen in zwoele zomerkleuren.
Waar nu het tussenweer

strooit met
kruidig goud en roodbruinige herfst
tere zachtroze lentebloesem en
wit knisperende winterkou,
mij in verwarring verwarmend.  
Januari was immers die prettig nerveuze tijd
voor het tekenen van de kweekbedden,
met as en koude vingers
in de pasgevallen sneeuw.

 

 

 

Geef een reactie