Beelddenker en he juffies, de naald blijft hangen

Daar gingen we weer. Zeven dames en 1 heer. Van hoofd tot leerkracht, van Ib-er tot Rt-er, de dames van het ‘tribunaal’ zaten er klaar voor. Tegenover hen zat ik als de advocaat van een leerling. 

Laat hij eerst zijn week-taak maar eens op tijd en goed afmaken. Laat hij eerst zijn werkjes maar eens foutloos maken, binnen de tijd, dan zullen we eens kijken wat we verder voor hem kunnen doen. Hij moet eerst maar eens laten zien wat hij kan want zijn prestaties zijn nou niet om over naar huis te schrijven. Laat hij eerst maar eens interesse tonen tijdens de instructie. Laat hij eerst maar eens stilzitten, zoals iedereen dat moet kunnen. Zodra hij beter zijn best doet praten we verder. Zo bijzonder vind ik hem niet. 

De opmerkingen openden moeiteloos de conversatie. Het hoofd typte ongeïnteresseerd op haar pc.  Ik probeerde beleefd het gebabbel te onderbreken. Toen dat niet lukte riep ik: “He, juffies, de naald blijft hangen!” Mijn intuïtie nam het over.

Zelfs het hoofd draaide zich om en zette haar bril af.

verbinding“Hou daar nu eens mee op Juffrouw-ik-heb-altijd-gelijk en Juffie-ik-weet-het-beter. Ja, je bent een ongetwijfeld een professional met ervaring, staat met liefde voor de volle klas mag ik hopen en je zult het heus heel druk hebben, daar heb je niet het alleenrecht op. Je zou echter kunnen weten dat een hoogbegaafde leerling de zich eindeloos repeterende rijtjes sommen niet meer interessant vindt en de boel afraffelt met veel fouten als gevolg. Je zou je ondertussen hebben kunnen laten informeren over overprikkeling in de klas en hoe je daarin samen met het kind de regie kunt nemen. Je zou toch denken dat er voldoende informatie is over de beelddenkers ook in jouw klas waar jij standaard het onverschillige stempel ADHD op plakt. Je zou eens kunnen stoppen met tempotoetsen en binnen de tijd lezen om te kijken wat dan de resultaten zijn. Je zou eens echt geïnteresseerd kunnen zijn in wat er onder het gedrag zit waar jij zo’n last van schijnt te hebben. Je zou eens echt kunnen luisteren en dat kan niet in een 10 minuten gesprek, dat is net voldoende om jouw slecht gefundeerde oordeel kwijt te kunnen. Je zou je eens kunnen realiseren dat je met elkaar een behoorlijke tunnelvisie hebt ontwikkeld ten aanzien van elke leerling die ook maar iets afwijkt van het door jou bepaalde gemiddelde.”


boosheidEmotie

Ik gooide het er allemaal uit en nog veel meer. Zo volledig mijzelf en zo oprecht boos dat er ongemerkt een traan uit mijn ooghoek ontsnapte. Zelfs ik moest hier even ademhalen. De dames luisterden vastgenageld aan hun stoel, sommigen met open mond. Ging ik te ver? Alleen het hoofd glimlachte en keek meer naar haar team dan naar mij. 

“Je bent natuurlijk zelf ook ooit gedwongen tot de middelmaat en opgeleid tot grijze muis. Dat snap ik. Maar wil je er echt naar streven een klas vol met alleen maar gemiddelde leerlingen te hebben? Omdat dat jou beter uitkomt? Wil je echt die beweeglijke jongens allemaal naar het speciaal onderwijs doen zodat je fijn een klas met meegaande zich keurig aanpassende stilzittende auditief ingestelde gemiddeld presterende meisjes hebt? Het lijkt wel of jullie bewust onwetend willen zijn. Elk probleem terug geven aan de leerling, de oplossing bij de ouders leggen, zodat jij door kunt gaan met wat je altijd doet. Je zou eens echt de verbinding aan kunnen gaan met wat jij een lastige leerling noemt.”

boosheid uit verbinding

Verbinding

Ik was inmiddels zelfs de draad kwijt en deze school zou ik ook kwijtraken, inclusief wat lezers nu, maar het kon me geen moer schelen. Mijn handen vielen stil. Een lange stilte volgde. De leerkrachten zaten inmiddels van mij afgedraaid in hun onbewuste lichaamstaal. Die was ik even kwijt. Het hoofd was de enige die me aan bleef kijken en langzaam met haar hoofd knikte.

“Lang geleden dat ik zo’n oprechte eerlijke boodschap heb gehoord”, zei ze tegen haar team. Die keken van haar naar mij en weer terug naar het tafelblad. Ze zaten er letterlijk tussenin. Was hun leidinggevende nu op hand van de spreker? 

“Ik ken je inmiddels als een rustig, evenwichtig iemand”, vervolgde ze, “met goede adviezen en gefundeerde feedback. Het was ongetwijfeld iets genuanceerder geworden als je niet zo oprecht boos was geweest, maar ik persoonlijk hou daar wel van. Dankjewel daarvoor.”

Ik raakte niets kwijt, ik had iemand weten te raken. Tussen de gesloten gezichten van haar team door begon ze op detail in te gaan op het gedrag en de achterblijvende prestaties van mijn cliëntje. De juffrouwen als de stille toeschouwers bij een tenniswedstrijd. 

“Ik wil hier graag nog even over doorpraten met jou alleen,  maar wat is voor nu je advies voor deze specifieke leerling?”

“Hem niet meer zo vaak de klas uit sturen en hem aan zijn lot overlaten. Een aantal toetsen en testen eens 1 op 1 afnemen in een rustige omgeving zonder tijdsdruk en kijken wat dan de score is. De Rakit-2 af laten nemen door een externe psycholoog waar hij een klik mee heeft. En ik wil graag een observatie in zijn klas doen met aansluitend een consult met zijn beide leerkrachten. Dat is het voorlopig.”

“Gaan we doen”, knikte ze, terwijl ze haar lijstje afmaakte. De tijd was voorbij. De leerkrachten slopen weg naar hun lokaal. De bel ging.

Ze maakte een afspraak om op een later tijdstip dieper op de inhoud van mijn boodschap in te gaan. “Als jouw trainingen ook zo persoonlijk zijn ga ik je waarschijnlijk uitnodigen voor een studiemiddag, als je nog durft tenminste”. We liepen samen naar de uitgang. “Zo’n krachtige emotionele boodschap van een relatieve buitenstaander met een zekere expertstatus, is precies wat we nodig hadden. Dat kon jij niet weten maar het was in de roos! Aan mij om de scherven op te rapen”, besloot ze glimlachend en nam met haar beide handen afscheid van me. 

*****

Beelddenker, de voorstelling

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en kinderen zijn geen objecten vol tekortkomingen

sailors

 

Ik wil dat hij weet hoe uniek hij is voordat het te laat is. Ik wil dat hij zich bewust wordt van alle ongelooflijke mogelijkheden. Ik wil dat hij weet dat het de moeite waard is om uit het leven te halen wat je kunt. En ik wil dat hij de subtiele, heimelijke en belangrijke reden kent waarom hij als mens is geboren en niet als stoel.

Herb Gardner.

Hij had geen idee hoe uniek hij was. Alleen in het negatieve, dat hij niet mee kon komen met de rest. Hij wist wel dat hij anders was dan veel kinderen in zijn klas omdat hij niet beter zijn best deed. De houding van leerkrachten, de kritiek, de oordelen, de cijfers van zijn omgeving had hij moeiteloos omgezet naar een patroon van voortdurende zelfkritiek. Zo jong al de vaste overtuiging dat hij ook inderdaad niet genoeg zijn best deed. Zijn unieke schoonheid had hij sinds groep 3 niet meer kunnen zien. In de wat instabiele thuissituatie zag hij vooral volwassenen met een hele grote interne criticus. 

Ik vroeg hem; “Dus jij doet niet genoeg je best?”

Onderuitgezakt haalde hij zijn schouders op en knikte kort. 

“Hoe weet je dat?” 

Hij keek me aan. “Huh?” 

Ik herhaalde mijn vraag;”Hoe weet jij dat je niet genoeg je best doet?”

“Dat zeggen ze”, reageerde hij. Ik had zijn aandacht nu.

“Oh ja. ‘Ze’ zeggen wel meer. Hebben ‘ze’ ook verteld hoe je dan beter je best zou kunnen doen?”

Hij leunde voorover aan de keukentafel. “Nee!?”

“Hoe kun je nu weten hoe je beter je best zou kunnen doen als niemand je vertelt op welke manier?

CubeHij leek verbouwereerd. “Eh, tja, weet ik niet.” Zijn hoofd ruste nu op zijn hand, nadenkend keek hij langs me heen. De ouder verschoof onrustig op de bank. Ik tekende een grote zware zwarte kubus. “We spreken af dat deze loodzware kubus staat voor leren. Jij duwt er tegen aan maar je krijgt hem niet van zijn plaats. Langs de kant staan allerlei mensen te roepen dat je beter je best moet doen. Toch lukt het je niet.” Hij knikte. Het beeld sloeg aan. “Zo voelt het wel een beetje”, knikte hij langzaam. Ik tekende een lichte kleurige bal. “De andere kinderen in de klas hebben stap voor stap geleerd van de kubus een bol te maken. Die is nog steeds heel zwaar maar doordat hij rond is rollen ze hem makkelijker vooruit dan jouw kubus.”

Hij keek naar de tekening, hij blikte omhoog naar de ouder die bij de keukentafel was komen staan. “Ik denk dat jij ongelooflijk hard je best doet om dat blok van zijn plaats te krijgen. Je duwt je te pletter en een dag school kost je daardoor heel veel energie.” Zijn hoofd hing omlaag nu. 

“Van mij mag je stoppen met nog beter je best doen.”

geweldloze communicatieHij keek me aan. Zijn ogen glansden. Na een diepe, louterende zucht zei hij; “En dan gaan wij er samen een bal van maken.” Het was niet eens een vraag meer. We konden aan de slag. Het kostte me weinig moeite hem zijn andere manier van leren te laten ontdekken. 

De ogen openen van zijn omgeving, dat duurde langer.

In ons schoolsysteem en in de samenleving, soms ook in het gezin, conditioneren we blijkbaar regelmatig kinderen zodanig dat ze zichzelf als een object gaan zien, meestal een object vol tekortkomingen. Het is dan ook niet verwonderlijk hoe kinderen onmiddellijk een gevoel van schaamte en schuld krijgen (Calvijn is niet dood te krijgen hier in Nederland) bij het maken van fouten en daar dus niet van durven leren. Leren wordt dan alleen nog gedaan om goedkeuring te krijgen, straf te voorkomen, schaamte te vermijden, schuld te vermijden, uit moeten. Leren wordt dan nog beter je best doen, zonder dat je weet hoe. 

*****

Beelddenker, de Voorstelling

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , | 1 reactie

Beelddenker en je hebt geen onderzoeken nodig om te bepalen wat goed is voor jou

Vol hoofd

Ontspannen

Met een vol hoofd sjokte hij aan het einde van de woensdagmorgen van school naar huis. Zijn moeder kende hem en liet hem. Met wat lekkers kroop hij op de bank. Onder een dekentje, I-pad aan, oortjes in, muziekfilmpjes kijken en soms luisterde hij alleen maar met zijn ogen dicht. Langzaam kwam de energie weer terug, raakte zijn hoofd leeg. Hij ging bouwen in Minecraft Deed tussendoor een ander spelletje. Aan het einde van de middag kon hij verwoorden wat er lastig was vandaag in de klas en ging daarna voetballen met zijn buurjongens op straat. Het gemiddelde leven van een beelddenkend kind.

tv kijkenOnderzoek door ongetwijfeld taaldenkende wetenschappers zonder kinderen zou aantonen dat meer dan 1 uur achter het beeldscherm schadelijk is. 

Ontspannen?

Het was zaterdagavond. Mijn tijdlijnen op diverse sociale media liepen al uren vol met opmerkingen over een tv programma wat blijkbaar van levensbelang was, iets met een mol. Ik liep van het station naar huis en zag de volwassenen zitten op de bank voor mega grote tv-schermen, I-pad op schoot, telefoon in de hand. Een programma kijken, erover twitteren en ondertussen een spelletje doen. Het gemiddelde leven van een volwassene in Nederland. We zitten gemiddeld 2.40 uur per dag voor dat mega grote beeldscherm. In het weekend langer. Dat is normaal, geaccepteerd volwassen gedrag.

Onderwijs van de toekomst

Onderzoeken

Volgens de onderzoekers naar de enorme schadelijkheid voor kinderen bij overmatig beeldschermgebruik moeten kinderen vooral meer gaan ervaren, bewegen en voelen. Ze mogen echt niet langer dan een uurtje achter hun I-pad. Dat ze vervolgens wel 5 dagen in de week doodstil zo’n 6 uur per dag op een stoel moeten zitten leren wordt even vergeten. Hoe schadelijk is dat. Beelddenkers denken en leren vooral met hun ogen en hun beweeglijke lichaam. Daar zit hun creativiteit en daar horen beeldschermen bij, zeker als we ze willen voorbereiden op de toekomst. 

Bovendien als jezelf de hele dag met je smartphone bezig bent en de hele avond voor de tv hangt, welk signaal geef je dan af als je de beeldscherm tijd van je kind beperkt tot een uurtje per dag? 

Gefeliciteerd uw onderzoek was het meest waardeloosWe onderzoeken van alles. Want als we het onderzoeken dan bestaat het. Voor elke conclusie over wat goed voor ons zou zijn vinden we wel een of ander onderzoek. Dat ze elkaar tegenspreken is blijkbaar irrelevant. Het wordt tijd dat we stoppen met onzinnige onderzoeken. Blijft er tijd en geld over voor het echte werk. Het wordt tijd dat we zelf gaan bepalen en voelen wat goed is voor ons kind, voor onszelf en dat dan gaan doen. De angel zit hem in het woord ‘overmatig’ en dat is voor niemand goed maar voor iedereen anders. 

Aside | Geplaatst op door | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en de trieste werkelijkheid achter de plaatjes

small dreamsAl jaren krijgen mijn cliëntjes tijdens de intake mijn doos met inspiratiekaarten. Over jezelf praten met een vreemde meneer kan soms makkelijker zijn via beelden. Ik krijg binnen korte tijd heel veel informatie. Er valt van alles te observeren. Hoe neemt iemand een cadeautje in ontvangst? Hoe maakt hij het open? Worden de kaarten netjes gesorteerd, 1 voor 1 bekeken of over de tafel gegooid en in 1 oogopslag gezien? Vraagt hij om hulp met dat lastige plastic eromheen? Schieten zijn ouders onmiddellijk te hulp? Welke plaatjes trekken zijn aandacht? Waar stelt hij vragen over en hoe? Het is een prettige en makkelijke manier om contact te maken. Als alle plaatjes bekeken zijn en op tafel liggen zijn er een aantal standaard vragen.

Welk plaatje past het beste bij jou? Wat er ook speelt bij cliëntje of in het gezin, het verhaal bij dat beeld over zichzelf is altijd verrassend positief. Zo zijn er meer vragen met vaak universele uitkomsten, soms verrassende ontdekkingen. Het leuke is natuurlijk hoe ze via de gekozen foto veel over zichzelf vertellen. Ze merken dat ze bij mij ook echt mogen zeggen wat ze denken.

The world is a dangerous placceWat echter schokkend is zijn de beelden die ze na lang nadenken en diep fronsen kiezen als ik ze de vraag stel; Welk plaatje vertelt iets over hoe jij school op dit moment vindt? Dat is 9 van de 10 keer hartverscheurend. Als je er tenminste over nadenkt, wat we natuurlijk niet doen in onderwijsland. We gaan gewoon door met grootbrengen door ze klein te houden. Triest omdat ze het zo goed kunnen uitleggen. Zeker als je in gedachten houdt dat de ze 8 of 9 jaar zijn. Het gaat veel verder dan dat school saai is en stom. Ik voel me niet gehoord en niet gezien is de onderliggende boodschap. We gaan er altijd over in gesprek en kijken waar we dingen kunnen veranderen, bij henzelf, thuis, op school. Meestal wordt aan het einde van het traject een ander plaatje gekozen.

Of een andere school.

Hier de 9 meest gehoorde uitspraken met de praatplaatjes erbij. Zonder commentaar. Om tot je door te laten dringen.

School is een stomme wedstrijd die je nooit gaat kunnen winnen. Maar je kunt ook niet uit de race stappen.

Het is 1 groot doolhof zonder bordjes en ze vertellen je voortdurend dat je de verkeerde kant op gaat. Op een dag zal ik de uitgang wel vinden, toch?

School is een soort luxe gevangenis waar je niet zelf mag denken. 

Je loopt er altijd vast en niemand die je uit de modder haalt. Dan moet je maar beter je best doen terwijl beide achterwielen vastzitten. 

Het is 1 groot gevecht op leven en dood.

School laat bij mij voortdurend het alarm af gaan.

School is regeltjes en wat niet mag en wat wel moet maar 1 grote chaos. En ik kies altijd het verkeerde.

School is waden door het zand. Het schiet niet op, je komt niet verder. 

School is een soort evenwichtsbalk. Tot het einde van de dag moet je je goed vasthouden want anders val je. Het lukt nooit om op tijd aan de overkant te komen. Elke dag weer opnieuw.

School is keihard werken en dan ontdekken dat je dood alleen achterblijft. 

School is heel, heel eenzaam en onbeschermd.Foto inspiratiekaarten

*****

Beelddenker gaat het Theater in. Ben jij er bij?

Tietia Feikens

Tekening; Tietia Feikens

 

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Stop met onderzoeken ADHD en ga genezen! Gastblog Baukje van Leeuwen

CrefmethodeAntwoord op onnodig medicijngebruik bij ADHD bestaat al. (Eerder als persbericht verstuurd)

Met de CREF-Methode was er al vanaf 2013 een oplossing voor ADHD zónder het gebruik van zware medicijnen. De CREF-Methode grondlegger beweerde altijd al wat het hersenonderzoek van nu heeft vastgesteld. Het brein van een ADHD’er is inderdaad kleiner. Dit gegeven was al eerder bevestigd bij rattenonderzoeken en bij mensen met een Post Traumatisch Stress Syndroom. Sinds de CREF-Methode ADHD mensen behandelt alsof het gaat om een PTSS, zijn er zeer succesvolle resultaten. Het medicijn gebruik is niet meer nodig. 

baukje-van-leeuwenBaukje van Leeuwen, therapeut en grondlegger van de CREF-Methode heeft gebruik gemaakt van eerder onderzoeken die in Amerika gedaan zijn bij mensen met een PTSS. De inmiddels bekende EMDR trauma verwerkingstechniek heeft vele onderzoeken met getraumatiseerde soldaten uitgevoerd. Kenmerken van getraumatiseerde soldaten waren onder andere druk (bewegelijk) gedrag of juist zeer teruggetrokken (verstarring) gedrag. De MRI scans van deze soldaten lieten toen al zien dat het brein kleiner was dan bij een niet getraumatiseerd persoon. Ook bij ratten deed men onderzoek op breinniveau. Zwangere ratten die bloot gesteld werden aan hoge stress, bleken rattenkinderen te krijgen met een kleiner brein. Het was dus al bekend dat stresshormonen invloed hadden op het brein.
De soldaten zijn na behandeling met EMDR opnieuw bekeken met een MRI scan. Daar stelde men vast dat het brein weer tot een volledige grote was gegroeid. 

CREFmethode

Lobke van Cauter

Voor van Leeuwen waren deze feiten eenvoudig genoeg om er naar te gaan handelen. Want, de ADHD hulpvragers in haar praktijk hadden ten alle tijde, of een stressvolle zwangerschap meegemaakt, of een medisch ingrijpen bij geboorte of een lastige hechtingsperiode of één van de ouders hadden traumaschade of in de schoolperiode was het zeer onveilig of te stressvol geweest enz. enz.. In elk geval, een zeer stressvol brein. Het antwoord voor succesvolle behandeling is de CREF-Methode, wat staat voor Circle Reprint Emotional Foundation. Het  is een methode op psychosociaal vlak, waarbij verschillende wetenschappelijk onderbouwde technieken worden ingezet, die zeer goede resultaten in de praktijk geeft bij mensen met sociaal-emotionele problemen. 

Ondertussen worden uit meerdere hoeken worden keer op keer vraagtekens gesteld over de explosieve toename van het aantal ADHD-diagnoses bij kinderen en bijbehorend medicijngebruik. Uit cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen blijkt dat in 2011 meer dan 200.000 mensen medicatie gebruikten vanwege ADHD. In 2005 waren dat er 70.000. Een enorme stijging, die nog steeds doorgaat. Van alle verstrekkingen aan ADHD–middelen is maar liefst 66% bestemd voor jongeren tot 20 jaar. De meeste gebruikers van ADHD–middelen vallen in de leeftijdsgroep 10– tot 12–jarigen. Alternatieven die de oorzaken van de symptomen van ADHD aanpakken krijgen onvoldoende aandacht volgens het rapport “Kinderen verdienen beter; een oproep voor een gezonde aanpak van de ADHD-epidemie”  van de Stichting Nederlands Comité voor de Rechten van de Mens.

Bijwerkingen medicijnen onvoldoende bekend

ADHD medicatieBij ADHD worden zware medicijnen verstrekt waar de werkingen en bijwerking onvoldoende van bekend en bewezen zijn. De psychostimulantia die bij ADHD het meest worden voorgeschreven, zoals Ritalin en Concerta, vallen onder de Opiumwet en van deze middelen is een lange lijst bijwerkingen bekend. Dr. Sjef Teuns, eerste kinderpsychoanalyticus van Nederland en emeritus hoogleraar in de psychiatrie stelt zelfs: “Middelen als Ritalin, Concerta, Strattera en Medikinet zijn harddrugs. Deze medicijnen zouden niet aan kinderen moeten worden gegeven”.

Fictieve ziekte bedacht door farmaceutica

Het antwoord op de vraag hoe het kan dat in onze maatschappij in korte tijd een verdriedubbeling van het aantal ADHD-diagnoses heeft plaatsgevonden en het medicijngebruik onder kinderen explosief is gestegen is simpel: commercie. De farmaceutische industrie verdient veel geld aan de voorgeschreven medicijnen.  De totale uitgaven aan de ADHD–middelen methylfenidaat en atomoxetine waren in 2011 in Nederland € 42,5 miljoen euro (bron: Stichting Farmaceutische Kengetallen).  Dit terwijl ADHD zelfs een verzonnen zou ziekte zijn. Leon Eisenberg, psychiater en ontdekker van ADHD, onthulde vlak voor zijn dood in 2009 aan de Duitse interviewer Jörg Blech dat ADHD een fictieve ziekte is ter bevordering van de verkoop van medicijnen.

Oplossing: CREF-Methode

CREF

Lobke van Cauter

Nu het artikel van de Duitse interviewer ook nog eens zijn weg vindt in de Nederlandse media, vind Van Leeuwen dat het tijd is voor actie. “Iedere keer wordt de noodklok geluid”, maar een daadwerkelijke oplossing wordt niet geboden,” aldus Van Leeuwen.  “Je kan bij kinderen met ADHD-achtige verschijnselen de langspeelplaat wel stoppen met medicijnen zoals Ritalin, maar als je stopt met deze medicijnen, speelt de plaat vrolijk weer verder. Het probleem wordt niet opgelost. Medicijngebruik laat de oorzaak liggen. Van belang is om te weten waar de symptomen dan wel vandaan komen en hoe we er mee om kunnen gaan. Veelal zit dit in een vorm van hechting problematiek en de emotionele verbinding.” Van Leeuwen ontwikkelde de CREF-Methode waarbij de oorzaak van het afwijkende  gedrag bij ADHD en aanverwanten bij de kern wordt  aangepakt en opgelost zónder medicijnen.  

De symptomen van ADHD, zijn eigenlijk terug te leiden tot een vroeg ontwikkeld en verwaarloosd post traumatisch stress syndroom. Een kind vertoond afwijkend gedrag (ADHD) als overlevingsstrategie. Het brein ervaart deze strategie  als succesvol en herhaalt deze strategie.Van Leeuwen: “Tot nog toe wordt de belangrijkste periode voor de aanleg en ontwikkeling van dergelijke emotionele- en gedragsproblemen, de periode van zwangerschap en bevalling,  niet  meegenomen in de diagnostiek. Uit eerder en recent wetenschappelijk onderzoek blijkt steeds meer de kwetsbaarheid van het ongeboren kind en de gevolgen hiervan voor latere problemen als impulscontrole, hyperactiviteit,  gedrag- en emotie regulatie en concentratie. Allemaal uitingen die in de psychiatrische diagnostiek (DSM) bij elkaar gecategoriseerd worden als ADHD of een aanverwant. De CREF-Methode omvat  verschillende wetenschappelijke onderbouwde technieken;  er wordt gewerkt  aan de prikkels die in het brein zorgen voor de aanmaak van verschillende hormonen.

Daarnaast wordt er aan de  emotionele verbinding en de zeer belangrijke invloedrijke rol van de ouders gewerkt, iets  waar ontdekker van ADHD  Leon Eisenberg uiteindelijk ook voor pleitte. Het basisvertrouwen wordt hersteld. “

De CREF-Methode is inmiddels een succesvolle methode gebleken op gebied van allerlei verschillende soorten gedragsproblematiek. In Nederland zijn op dit moment 45 erkende behandelaars . 

Baukje van Leeuwen (41) is therapeut in de Integratieve Psychotherapie, Hypnotherapeut en CREF-Methode Docent. In haar praktijk en opleidingscentrum BL-balans en IKEV, begeleidt zij volwassenen, hulpverleners  en teams met meest uiteenlopende hulpvragen of leerprocessen. Het IKEV is inmiddels uitgegroeid tot 6 andere vestigingen in heel Nederland.

ikevVoor meer  informatie kunt u contact opnemen met:

IKEV, info@ikevcentraal.nl Baukje van Leeuwen, tel. 06-19174487, maarten@ikev.nl 

Van Leeuwen heeft het  IKEV, Instituut voor Kennis en Vaardigheden opgericht. Daarmee wordt specialistische kennis omtrent de CREF-Methode overgedragen in de vorm van opleidingen, bijscholingen en meer voor professionele hulpverleners. Van Leeuwen heeft het boek Levensbelang geschreven waarbij de methode uitgebreid omschreven wordt met herkenbare casuïstiek.

Radio interview Ank Kampman over open informatieavond 14 Maart 2017 IKEV Flevoland

 

Geplaatst in IKEV CREF | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en etiketten zijn voor potjes, niet voor mensen

Labels are for jars not for peopleDè beelddenker bestaat niet. Het label wordt ook niet geleverd met een kant en klare gebruiksaanwijzing. Dat geldt voor alle labels waar we kwistig mee strooien, of ze nu vandaag wel en morgen niet wetenschappelijk mogen bestaan. Het gaat om het kind zoals het zich aandient. Zoals ik het zie in zijn gezin, op school, in zijn systeem. Niet een passend label zoeken maar kijken wat hem maakt tot wie hij is.

Een label plakt immers de onderliggende talenten af. 

Hij zat ziek thuis. Onderzoeken bij huisarts en het kinderziekenhuis leverden niets op. De ouders kwamen bijna om in de elkaar tegensprekende adviezen. Terwijl de hulpverleners zich langzaam opmaakten uitputtend met hem aan de slag te gaan zat ik op een ochtend bij ze aan de keukentafel. Iemand had bedacht dat ik iets zou kunnen betekenen voor hem. Meteen bij binnenkomst pikte ik buikpijn en hoofdpijn op. Die waren niet van mij. Vaak zegt dat al wat. Hij lag onder een dekentje op de bank. De ouders namen mij mee naar de keuken buiten gehoorsafstand. Ik registreerde dat moeder kleine slokjes water dronk en vaak naar het toilet rende. Ik registreerde dat vader paracetamol als snoepjes kauwde. Ze maakten zich ernstige zorgen vooral omdat ze niet meer wisten wat ze nu moesten doen. Al pratend ontdekte ik dat de variëteit aan lichamelijke klachten bij hun zoon opvallend was. Er was niet 1 ding wat er uitsprong. Dat moest inderdaad lastig zijn voor een arts om daar een diagnose op te stellen. 

return to senderIn gesprek met hem kon ik al vrij snel de link leggen tussen zijn hoofdpijn en die van zijn vader. Tussen zijn buikpijn en die van zijn moeder. Tussen zijn beginnende nekpijn en mijn stijve nek als gevolg van mijn eigen wintermalaise. Met tekeningen legde ik hem uit dat hij het talent had te kunnen voelen waar een ander last van had, alsof het van hem zelf was. In vrij korte tijd, leerde hij zorgvuldig onderscheid te maken wanneer iets van hem was en wanneer het bij de ander hoorde. Durfde hij zichzelf antwoord te geven op de vraag wat maakte dat hij altijd de pijn van een ander wilde ‘overnemen’. Leerde hij op school en buiten het gezin de pijn die hij oppikte, rustig te bekijken en waar nodig, terug te sturen naar de afzender. 

Er zijn geen onderzoeken meer gedaan. Hij had in no time zijn achterstand op school ingehaald en was vanaf dat moment niet vaker ziek thuis dan een elk ander kind. Maar dan wel met “griep die helemaal van mij is”, zoals hij me vertelde. We konden zo de labels en diagnoses voor zijn, dit keer. 
flyNatuurlijk, als je echt niet weet wat er met je kind mogelijk aan de hand is en je hoort dan voor het eerst  van Dyslexie, ADHD, HSP en autisme, dan kan het helpen in je zoektocht naar wat het beste is voor je kind. Ze zijn echter veel meer dan 1 label. Elk kind komt met zijn eigen uniekheid in de wereld en als je dat wilt zien, is stickers plakken niet nodig. Een kind een label geven is hetzelfde als vragen wat het wil worden en dan maar 1 antwoord goedkeuren, want je kunt nu eenmaal niet alles worden wat je wil, je zult moeten kiezen. Hoezo? Je krijgt 1 label en daar hangen we alles aan op. Je kiest 1 beroep (op je twaalfde graag) en daar hangen we je hele leven aan op.

Toen bij mij ooit de diagnoses zich opstapelden ben ik mij ook als een gek gaan verdiepen in Linda Silverman, Elaine Aron en Carol Dweck om er maar een paar te noemen. Zij wisten immers hoe ik in elkaar stak. Gaandeweg kwamen daar Byron Katie, Temple Grandin en nog veel later Annek Tol bij. Via Gary Douglas, Dain Heer en Baukje van Leeuwen weet ik inmiddels dat ik een leven lang zal blijven leren. Ik hoef niet te kiezen aan welk rijtje eigenschappen ik moet voldoen. Ik ben meer dan mijn labels. Welk talent van mij voorrang krijgt bepaal ik in het moment. Multipotentialite, renaissance-man. Dat zijn teveel letters voor een label. 

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en een effectieve sneeuwbal in je nek

wintersHet gesprek wilde niet vlotten. Het huis was mooi ingericht. Toch ontbrak er iets. Ondertussen probeerde ik te bedenken hoe ik in dit gezin was terecht gekomen. Een doorverwijzing van een collega en ik had aangenomen dat het om een beelddenker ging. Dat was dus niet zo zag ik na een paar minuten. Wel leerproblemen, sinds kort. Moeilijk gedrag in de klas volgens de leerkrachten. Niemand leek tot hem door te kunnen dringen en er waren al heel wat deskundigen op hem losgelaten. Er klopte ook iets niet aan de communicatie tussen beide ouders voelde ik. Maar wat ik hier nu deed, ik kon er de vinger niet opleggen.

Daarom stelde ik voor even met hem te gaan wandelen, de koffie moest maar even wachten. Hij leefde op en was in no time aangekleed met stevige laarzen aan. We struinden samen door de sneeuw het bos in. Zijn, zelfs voor mij ietwat storende gedrag, was verdwenen. We babbelden over het weer. Hij vertelde dat hij stiekem voer neerlegde aan de rand van het bos nu de dieren het zo moeilijk hadden in de kou. Zijn stoere pantser was binnen gebleven. Een erg sensitieve slimme jongen kwam er onder vandaan. 

birdsfeed winter“Vertel eens”, probeerde ik rechtstreeks, “hoe komt het dat jij volgens de leerkrachten leerproblemen hebt?” 

Hij haalde zijn schouders op en porde met een stok in een berg sneeuw. 

“Gewoon, ik vind het niet meer leuk.”

“Sinds kort?”

Hij knikte. “Ik vind eigenlijk alles niet meer leuk.”

“Alles?”

“Ja. Alles.” Hij stond stil en keek uit over de witte heide. Zijn gezicht gesloten, zijn ogen op storm. “Het is allemaal stom. Sinds…..”

snowballsIk kwam dichterbij maar bleef achter hem staan. Er ontsnapte een traan uit zijn ogen. Boos veegde hij langs zijn wangen en draaide zijn hoofd weg. Deskundig maakte ik een sneeuwbal. Gooide hem zacht maar doeltreffend in zijn nek. Volkomen verrast draaide hij zich om en volgde proestend mijn voorbeeld. Fanatiek maakten we de ballen en gooiden over en weer. Rode wangen van het pure fysieke plezier en de inspanning, onze handen ijsklontjes, onze kleren nat. Er liepen nog meer tranen uit onze ogen. Van de kou natuurlijk. Al gooiend kwamen dichter bij huis

“Weet je”, zei hij zacht, “ze weten het nog niet maar Papa en Mama gaan scheiden.”

bruggenbouwers“Ach jongen toch.” Hij kwam dichterbij lopen. Ik legde mijn hand op zijn schouder. Hij had het kind in mij gevonden en durfde contact te maken. 

“Maar ik zorg dat alles weer goed komt hoor. Als ik maar genoeg leerproblemen heb dan blijven ze wel bij elkaar, want dat kan een vader of een moeder niet alleen. Toch?”

Daar was het dus. Van onbezorgd kind in de rol van bemiddelaar. Zonder dat iemand het had gemerkt. Alle clichés om tegen kinderen van ouders die gaan scheiden te zeggen schoten door me heen. Bullshit. 

“Dat is knap klote voor je.” 

“Zeg maar rustig kut”, brieste hij. Na nog wat gezamenlijke krachtige stampvoetende taalkundig onjuiste ontladingen probeerde ik; 

broken“Ik heb nog nooit gezien dat het zo zou kunnen werken trouwens. Jij wel?”

“Nee”, zei hij met een grimas, “het is voor mij ook pas de eerste keer dat ze gaan scheiden.

“Ik denk wel dat we het zo aan je ouders moeten vertellen, dat ze weten dat jij het weet. Denk je ook niet?”

“Ja, daar was ik al bang voor”, zuchtte hij met een soort merkbare opluchting, “moet ik zeker ook weer normaal gaan doen?” We keken elkaar lang aan, ik knikte. 

“Hand erop?” Hij sloeg met zijn hand hard op de mijne en knikte terug, rende voor me uit, het huis in, de trap op, zijn kamer in. 

De ouders keken op van hun telefoon toen ik de huiskamer binnenkwam. 

“Ik mag hopen dat het van de kou is die tranen op uw wangen”, glimlachte de moeder. 

Ik kon het met trots ontkennen en maakte me op voor een gesprek zonder enige professionele afstand. 

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en examen doen is nog wel een dingetje

feeling small wanting to learnLeren is leuk.

Niet doodstil zittend in een te grote klas luisterend naar een saaie talige instructie. Leren is leuk als je ontdekkend bezig mag zijn, zelf het materiaal bent, belevend en actief leert. Zoals bij het IKEV, bijvoorbeeld. Als je dan ook nog een klik hebt met de docenten en de omgeving dan is leren leuk. Ik deed er o.a. de basiscursus Basisvertrouwen en Hechting.

Alleen, toetsen, examen doen. Dat bleek nog een dingetje voor mij. Iets ouds. Dat rare, nare gevoel bij examens en bij het beoordeeld worden was een zo vertrouwd thema inmiddels dat het zelfs comfortabel aanvoelde. Dat hoorde toch bij mij? 

De examens op de Mavo en Havo waren een wassen neus, zo werd nog eens benadrukt door de docent die het diploma uitreikte. Voor 2 vakken een werkstuk inleveren; ik ben goed in overschrijven:-) Voor 4 vakken multiple choice vragen, tekstverklaring. met 50% kans dat het antwoord goed was. Zo slofte ik altijd door opleidingen. Later koos ik alleen de praktijkgerichte studies met weinig of geen theoretisch examen. Bij diverse coachopleidingen woog het praktijkgedeelte samen met de boekverslagen, en reflectieopdrachten zwaarder dan het schriftelijk examen. Op een keer had ik 75% goed aangevinkt en binnen de 20 minuten weer de zaal uit, zweet op t voorhoofd en 3 nachten niet geslapen. 

vacuum

Oordeel

Blijkbaar heb ik diep van binnen voor waar aangenomen wat er jaar in jaar uit gezegd werd, qua leren en beoordelen dan en komt dat op zulke momenten weer aan de oppervlakte. 

Ik hoor nog de fossiel met grijze knot en zware boezem achter me hijgen; “Ga jij maar tekenen of zo, want voor cijferen ben je te dom.” Haar bril, haar pen, haar pepermuntdoosje, ze vond ze nooit terug. De rood-hoofdige-meester-met-psoriasis (hij is vast vreselijk aan zijn einde gekomen) dwars door de klas heen; “Smit, je bent nog te lui om 1 + 1 op te tellen”. Zijn stinkende sigaren, ik brak ze 1 voor 1 bij het nablijven. Hij kan het wel maar hij wil gewoon niet. Hij is intelligent maar hij doet er geen moeite voor. Hij is niet te hanteren, branieschopper, clown. Hij doet net of het leven een groot feest is en dat mocht toen natuurlijk helemaal niet op de Veluwe. Ouders, met de kennis van toen, wisten ook niet meer dan; “Misschien kun je nog beter je best doen?” Ze hadden de moed mij naar de Mavo te sturen. We zien wel wat het wordt. Na twee jaar ploeteren, hakken over de sloot, meer aan de koffie bij de conciërge dan in de les kwam er verandering. Een leraar met temperament, passie. Hij gaf geen geschiedenis, hij wàs het. “Iedereen kan leren dus jij ook.” Hij maakte groepen in de les met wat hij noemde; gelijkgestemden. Mijn redding. Hij was zijn tijd ver vooruit met het herkennen en benoemen van leerstijlvoorkeuren. Tentamens mocht ik op het bord doen, tekeningen, schema’s, pijlen, grafieken. En dat werd mijn manier van leren met de voorloper van het mindmappen. Daarmee kon ik al veel achter mij laten. 

stress

Vechten, vluchten of verstarren

Examen doen bleef echter een drama. Slordig, haastig, als eerste weer uit de grote gymzaal (vluchten). Volkomen black outs ervaren (verstarren) Op den duur wist ik wel een soort film af te draaien in mijn hoofd met de belangrijkste feiten uitgebeeld, zeker bij de praktijkexamens. Als dat beeld klopte deed ik het niet eens zo slecht. De film in mijn hoofd van wat ik nodig had en hoe het er uit moest zien, daar kon ik wel bij maar hij speelde zich razendsnel af met als gevolg dat ik nog steeds, ondanks de uiterlijke rust, de boel afraffelde. Als het beeld eerder stopte dan het examen had je de poppen aan het dansen en ging ik alsnog volledig op slot. 

Binnen een paar minuten van een examen gaan bij mij alle alarmbellen af. In no time loopt mijn korte termijn geheugen vol met stresshormoon en blokkeert alle feitenkennis uit het lange termijn geheugen. Weet ik nu. 

Er valt de leerkrachten van toen heus wel het een en ander te verwijten, maar het was zoals het was. Daar heb ik geen invloed meer op, anders dan het los te laten. Belangrijker is mijn reactie op wat er gebeurde. Daar heb ik invloed op. Dat deel van mijn basisvertrouwen kan ik herstellen. Weet ik nu. 

Kintsuroi

kintsukuroiMisschien zal mijn tempo altijd hoog liggen, dat hoort bij mij en mijn cliëntjes. Ik kan er al meer van een afstandje naar kijken zonder het af te raffelen. Mijn vermogen tot zelfreflectie is er, al was het alleen maar omdat mijn cliëntjes mij haarscherp spiegelen en ik daar meestal meteen iets mee moet, of achteraf, het in elk geval toepassen in mijn praktijk. Er ook de woorden voor vinden is nog een tweede. Misschien kan ik minder alert zijn omdat de noodzaak van de alarmbellen er niet meer is. Ik zal mij echter altijd van veel bewust zijn omdat dat een talentvol deel is van wie ik ben. 

Wat goud is voor gebroken aardewerk is de Cref-methode voor de beschadigde mens. 

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en als het half verdronken is dempt men de put

Ladybug flight dandelionDat vond ik wel een prima spreekwoord altijd. Als iemand half denkt te verdrinken dan vul je de put voor de helft met zand zodat hij er makkelijk uit kan stappen. Een echte McGyver-oplossing. Leverde me natuurlijk in groep 5 een dikke onvoldoende op met strafwerk. Later, in de vele corporate bedrijven waar ik mijn weg probeerde te vinden, stond het bijna op de voorgevel. Managers werden dik betaald om het kalf te laten verdrinken, kon de volgende manager de put dempen. Pas toen begreep ik de ware betekenis en waarom het spreekwoord nog steeds zo actueel is. Ik geef de voorkeur aan mijn versie. 

Hij hield het een tijdje vol. Omdat hij me vertrouwde. Er viel een last van hem af toen ik hem uitlegde dat CITO en AVI helemaal niet zo belangrijk waren. Een manier om iets te meten. Meer niet. Hij hield het een tijdje vol. Omdat hij dacht te weten wat ik wilde horen. Tot hij ontdekte dat ik echt wilde weten wat hij dacht. Er kwamen heel veel nieuwe dingen voorbij. Bijvoorbeeld dat fouten maken een geweldige manier is om iets te leren. “Je bedoelt dat je het niet in 1 keer goed hoeft te doen??!!!?” Er kwam een barstje in zijn vernis. Hij hield het een tijdje vol. Omdat hij gewend was aan mensen die hem altijd maar weer wilden helpen.  Het werd al snel; Ik kan het niet. Het lukt me toch niet. Daar ga ik echt niet aan beginnen, veels te moeilijk. Ik twijfelde aan wat ik (nog) niet hoorde maar schoof al vragend toch op richting faalangst-gesprek. Tot hij vanuit de grond van zijn hart eruit gooide;

I k  w i l  h e t  h e l e m a a l  n i e t. dandelion black and white maarten smit

Hij schrok er zelf van. Wat zeg ik nu!?

Het werd een pittig coachingsgesprek. Aan hem de keus. Als hij niet wilde leren, prima, we zouden allemaal van hem blijven houden. We zouden alleen wel  stoppen met steeds maar weer onze hulp aanbieden. Hij mocht er over nadenken. Een nachtje over slapen. De blinde paniek hing knisperend om hem heen. 

In de broodnodige pauze dwaalden we samen in -7 over het bedrijf van zijn vader. Gleden samen over de allerbeste glijbanen van Nederland. Van de ene schuur naar de andere. We verzamelden materiaal voor een heus Zweeds haardvuur. De hooizolder op voor droog gras en stro. Hier de kleine houtjes, daar de monster grote blokken. Onderweg aaiden we de kalfjes, kroelden we met de poes. Praten over moeilijke dingen is makkelijker als je samen buiten bezig bent. Deze kleine filosoof zag haarscherp wat de gevolgen van zijn keuzes zouden kunnen zijn en checkte dat. Het ging over het grote waarom van het leren, de zin van school, over later, over dromen. In ons eigen bekende razendsnelle tempo met weinig RIJPwoorden. Een glimlach van mij, een donkere oogopslag van hem, waren voldoende antwoord op de vragen die we elkaar stelden. Met bevroren handen bouwden we later het Zweedse haardvuur op. Groot, vierkant stapelen, steeds kleiner naar boven toe en dan Top-Down aansteken. De beste metafoor voor zijn manier van leren terwijl we samen op zoek waren naar zijn eigen vuurtje. 

Hij was in zijn eigen kuil gedonderd, met open ogen. Half verdronken. Stukje bij beetje liet ik hem zijn put vullen zodat hij in elk geval weer over de rand van de kuil kon kijken naar het landschap van zijn keuzes. Hij mocht zelf aan het roer staan. Hij kon zijn eigen radertje zijn.

In zijn weerstand zag ik mij. Ik haatte leren, dacht ik, tot ik mocht leren op mijn manier. Omdat ooit iemand mij, zonder oordeel, ook de vrije keuze liet.

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , | 1 reactie

Beelddenker en het interview dat nooit gepubliceerd werd

CoffeeHet was een zeer vroeg netwerkontbijt. Ik doe dat hooguit 2 keer per jaar. Want hoewel het door iedereen als serieus ‘werk’ beschouwd wordt, doen we het wel vóór onze eigenlijke werkdag uit. We zijn toch allemaal ondernemers en zouden onze eigen tijd in moeten kunnen delen en toch doen we nog steeds of we om 08.30 uur op ons werk moeten zijn. Maar goed. Het zij zo, voor een aantal mensen dan. Na afloop had een lokale part-time zelfstandige verslaggeefster mij uitgenodigd voor een interview over beelddenken. Zo leuk voor de rubriek regionale ondernemers……  

“Je doet aan beelddenken. Kun je daar wat meer over vertellen?”

Daar ging het eigenlijk al mis. Ik ‘doe’ niet aan beelddenken, ik bèn een beelddenker en ik help mensen dat miskende talent bij zichzelf te ontdekken, te ontwikkelen. Dat ze weten hoe ze in elkaar zitten. Dat ze weer zelf aan het roer kunnen staan. 

“Je helpt dus kinderen.”

Eh. Ja. Kinderen zijn ook mensen. 

“Je werkt alleen met kinderen. Is daar wel voldoende markt voor in deze behoudende regio?”

IkleerandersIk was benieuwd welke kant dit op zou gaan. Er zijn inderdaad heel veel kinderen in mijn praktijk. Voornamelijk jongens. Ik mag hun rolmodel zijn. Mensen vinden mij omdat ik o.a. werk met de methode ‘Ik leer anders’. Daarnaast werk ik even zo vaak met stuiterende pubers, faal-angstige studenten, vastgelopen volwassenen en zoekende teams. Natuurlijk is het heerlijk om in de eigen omgeving te werken en cliënten op de fiets te bezoeken maar ik zeg altijd dat de wereld mijn regio is. Als ik voel dat ik op dit moment nodig ben in Drenthe of in Brabant dan reis ik daar naar toe. 

Als je je nu even beperkt tot de Vallei-regio, loop je dan niet tegen godsdienstige bezwaren aan?”

beelddenkenDit zou toch over beelddenken gaan? Zelf word ik niet gehinderd door enige religieuze of spirituele overtuiging, (wat op zich ook weer een overtuiging is). Met liefde kom ik binnen in de gezinnen binnen de gemeente Ede en ver daar buiten. Ik zou niet weten of er mensen zijn die mij, op behoudende en/of godsdienstige argumenten, niet inhuren. Als ik al weerstand tegen kom is dat bij leerkrachten en scholen met een fixed mindset; beelddenken zou niet bestaan en men zou geen geld en tijd hebben om zich te informeren en het lesgeven aan te passen aan die ene in plaatjes denkende leerling. 

“Ik had het nog niet over het onderwijs.”

Ok. Ik besloot, zonder overleg, dat kan ik 🙂 er even uit te stappen. Sanitaire en nicotinaire pauze. De verslaggever zou nog een keer koffie bestellen.

Na de korte pauze zitten we met verse koffie weer tegenover elkaar. In de koude winterlucht had ik besloten om het om te draaien. Ik vroeg dan ook: Wat weet je eigenlijk over beelddenken? 

“Voldoende om de vragen hier te stellen.”

Zo. Tik op de vingers. Hoe ging ik de relatie met de lokale pers, althans een heel klein onderdeeltje ervan, nog goed houden?

“Je pretendeert kinderen te helpen beter mee te kunnen komen in het huidige schoolsysteem. Heb je daar bewijs voor?”

Take with you your all.Het enige bewijs dat telt voor mij is dat kinderen en andere mensen na een aantal sessies zeggen beter in hun vel te zitten. Dat ze makkelijker mee komen in de klas, zich beter kunnen concentreren. Dat ze weer zelf de regie durven nemen. Dat ze niet slechter kunnen leren dan een ander, alleen anders, op hun eigen manier. Dat er zichtbaar meer rust komt in het hoofd en in het gedrag. Dat ze beter slapen. Dat ze zich gezien en gehoord voelen. Dat ze zelfs op den duur het perfectionisme en de onderliggende faalangst achter zich kunnen laten. Dat ze hebben geleerd in de taal van de ander te praten, zichzelf durven en kunnen uitleggen aan de niet beelddenkers. Dat ze vaker met plezier aan de school- of werkdag beginnen. Dat hun gevoel van minderwaardigheid zo onterecht is en opgelegd door een systeem wat uitgaat van een extern bepaald gemiddelde. Dat ze met een grote grijs hun eerste 10 voor een proefwerk laten zien. Dat ze met een trotse blik hun vertellen dat ze intern een andere functie hebben gekregen. Maar dat telt zeker niet? 

“Nee’, zei ze ook echt. 

Ging ik nu ontploffen of pas over 5 minuten? 

op je pen kauwen“Dit gesprek loopt niet zoals ik had bedacht.” Ze kauwde op haar pen en zette de telefoon uit waarmee ze ons interview opnam. 

Ik zweeg en probeerde non-verbaal neutraal te blijven. 

“Weet je”, zei ze tenslotte, “ik dacht dat het onderwerp beelddenken wel zou passen in mijn stageopdracht over de toename van visuele media en visuele leermiddelen in het onderwijs. En ook omdat ik zo’n moeite heb met lange teksten….”

Daar kwam de aap uit de mouw. Ik ging deze relatie goed houden. Passend onderwijs aan beelddenkers is niet alleen een kwestie van meer visuele leermiddelen of visuele media.

“Niet? Oh. En nu?”

winter bycicles hollandZe keek me voor het eerst echt aan. Ik gaf haar mijn visitekaartje. Verdiep je eerst eens in mijn website. Want dat heb je volgens mij nog niet gedaan, toch? 

“Eh, nee, eigenlijk niet.” Ze giechelde een beetje, verrukkelijk onprofessioneel. 

Als je dan nog steeds denkt dat het past in je stageopdracht, ga ik je helpen, met je onderwerp en met die lange teksten. Even dacht ik dat ze me om de hals zou vliegen, maar het bleef bij een hoogrode blos, geheven handen en een oprecht dankjewel.

Niet veel later mengde ik mij tussen de eerste ploeg fietsers op weg naar hun werk over de nog niet gestrooide fietspaden. 

Geplaatst in Beelddenken | Tags: , , , | Een reactie plaatsen