Beelddenker en labeltjes zijn er alleen voor de leerkracht

Labeltjes

Ze zijn er alleen voor leerkracht. De vele bedachte labeltjes. Elk kind in een hokje dat is lekker makkelijk en overzichtelijk. Het is raar en verontrustend tegelijk hoe we dat met zijn allen pikken. Labeltjes en cijfers daar lijkt het onderwijs uit te bestaan. Met het kind als slachtoffer. Voorbijgaand aan het feit dat het zich in zijn eigen tempo, op zijn eigen manier wil ontwikkelen. 

diagnose

Dromen

Hij kijkt naar buiten. Zijn benen wiebelen een eigen leven. Er zingt een vogel. Hij hoort hem maar kan hem niet ontdekken. Morgen mag hij ook zingen. Alle jongens in zijn koor. Het heeft met Pasen te maken. Het is prachtig, hij hoort het voortdurend in zijn hoofd. Juf haalt het ruw uit zijn dagdroom. Hij ziet alleen de rimpel boven haar neus. Dan is ze weer boos. Hij probeert niet naar haar ogen te kijken maar staart naar het bord. De dirigent is nooit boos. Als ze iets fout zingen dan doen ze het gewoon over. Kon hij maar zijn meester zijn hier in de klas. O, hij moet iets gaan doen aan de anderen te zien. Daar staat de juf al voor zijn tafel. Misschien gaat ze hem vertellen wat hij moet doen, dat zou fijn zijn. Maar ze schudt alleen haar hoofd en zucht diep. Nou, dat gaat weer lekker vandaag. Zijn buurman laat hem zien wat hij moet doen en hij buigt zich over de sommen. Dezelfde van gisteren. Doodsaai. Hij vult gedachteloos de antwoorden in en staart naar buiten. 

Juf dringt aan op een onderzoek. Ze weet zeker dat hij ADD heeft. ‘Hebt u psychologie gestudeerd dan’, reageert zijn vader. Hij tilt zijn zoon op zijn schouder en rent met hem het schoolplein af. Ik ondersteun de ouders bij hun weigering hun kind te laten labelen. 

paardenbloem 1000 dromen

Wiebelen

Ze wipt heen en weer op haar wiebelkussen. Volgens de juf zou ze dan eindelijk stil zitten. Nou, mooi niet. Het zit wel lekker zacht maar ze moet wel bewegen. Haar voeten tikken tegen de tafelpoot. Haar potlood valt. Haar etui gaat er achter aan. Ze springt van haar stoel. Het wiebelkussen schuift weg. Iedereen lacht. Dat scheelt haar niks. Ze raapt haar spullen op. Stoot haar hoof. Raapt een gum van de grond en brengt hem naar haar vriendin, achter in de klas. O, dat was natuurlijk niet de bedoeling. Ja, ja, ik zit al, voor de juf nog bozer wordt. Maar ze zit al de hele morgen. Boven haar taalschrift pulkt ze aan een splinter in haar vinger. Ze bouwt met papa een boomhut. Het liefst was ze de hele dag buiten. Gelukkig is het woensdag en heeft ze de hele middag om buiten te spelen. Haar schrift schuift van tafel, haar stoel schuift gewoon uit zichzelf onder haar weg. Oeps, daar had je het al. Ze moest in de hal gaan zitten werken. Nou, dat is prettig. Had niemand last van haar en kon ze tenminste af en toe heen en weer lopen. 

De leerkracht dringt aan op een onderzoek. Ze weet zeker dat ze ADHD heeft. Met medicijnen is daar prima mee te leven. Moeder glimlacht en knikt. Ze neemt haar dochter bij de hand. ‘Kom, we gaan lekker lunchen in je boomhut.’ In een lang gesprek met de leerkracht geef ik de ouders rugdekking. Geen diagnose, geen medicijnen. 

oordelen

Oordeel

Zo is er net iets te vaak en te makkelijk een oordeel als kinderen zichzelf zijn, hun eigenheid laten zien in het knellend onderwijs. Gelukkig zien de ouders hun kind vaak voor wie hij is en gaan niet mee in de labelterreur. Hoog tijd voor een tegenbeweging. Een commissie van deskundige kinderen gaat labels toekennen aan leerkrachten. Er zijn al profielen opgesteld. Zoals de leerkracht die de hele dag maar door de klas loopt en niet stil aan het bureau kan zitten, bijvoorbeeld. De leerkracht die geen enkele variatie aanbrengt in de lesstof. De leerkracht die afgeleid wordt door elke beweging in de klas. Ouders zullen sneller aandringen op onderzoek bij de minste of geringste afwijking. Tegenspraak wordt niet geduld. De farmaceutische industrie heeft haar medewerking al toegezegd en ontwikkelt medicijnen om de leerkracht chemisch uit de comfortzone te duwen. Je moet wat in deze tijd.

*****

Even rust om dichter bij je doel te komen.

Lanterfanten vrijdag 13 april

panda lanterfanter

 

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en een ontmoeting in de supermarkt

Ontmoeting

In de grote supermarkt in mijn wijk was het rustig. Weinig kans op een ontmoeting. Wat vakkenvullers en hier en daar een enkeling met een mandje. De rest van het dorp zat aan tafel of was nog onderweg naar huis. De vrouw groette vriendelijk, ik vluchtig. Mijn kaart voor de scanner weigerde weer eens. Later bij de grote tafel aan de koffie ziet zij mij opnieuw, ik haar eigenlijk voor het eerst. Donkerblauwe kleding, inclusief de panty’s. Dik grijs opgestoken haar.

Gezichten

bewogen ontmoetingZe begint het gesprek. Dat ze het zo leuk vindt mij weer te ontmoeten. Of ik in de buurt woonde? Ik beaamde dat en mijn hoofd draaide overuren om te bedenken waar en wanneer ik dit gezicht eerder had gezien. Dan zie ik haar weer binnenkomen met haar donkerblauwe collegae zo’n 9 jaar geleden op één van mijn lezingen over beelddenken. Het klopte gelukkig.

Beelddenken

Ze deed er nog steeds aan. Aan beelddenken, bedoelde ze. Elk nieuw schooljaar wist ze binnen een week hoeveel ze er in de groep had. Daar maakte ze dan plaatjes voor. Voor tijdens de instructie. Tijdens het voorlezen mochten ze tekenen.

Betrapt

Voor het dagelijkse bijbel verhaal maakte ze elke avond bijpassende printjes. ‘Ja’, ging ze door, ‘ik zie u wel kijken. Ik heb boven een werkkamer en daar heb ik een laptop staan met een printer. Dat weet school niet. Dat blijft ook zo.’ Ze keek daarbij aan zoals al mijn schooljuffen destijds deden en ik knikte geconditioneerd meteen ja terug.

Aan

Op dat moment ging geheel onverwacht, mijn lichaam ‘aan’. Licht ongecontroleerd trillen en gerommel in mijn buik. Gelukkig zat ik. Stevig. Op een stoel.

‘Welke plaatjes gebruikt u dan zoal voor het bijbel verhaal?’ Ik dook er zomaar in.

Beeld

‘Ik wist wel dat het u zou interesseren’, reageerde ze opgetogen. Ik begon meteen te twijfelen. Het was er warm ineens. Ze haalde het stof van door mij vergeten verhalen af en noemde de onderwerpen. Een dikke map uit 1 van haar tassen showde wat ze er dan aan beeld bij had gedaan. Prachtige beelden. Een soort Pinterest in boekvorm. De aarde vanuit de ruimte. Een leeuwenfluisteraar. Het fascineerde me. Hoe ze met wat simpele handvatten, ooit door mij gegeven, het dagelijks leren van haar beelddenkers makkelijker maakte.

Weerzin

Niet de makkelijkste weg

Mijn lijf voelde echter weerzin.  Door de inhoud van de oude verhalen. In mijn jeugd waren de verhalen er om er mij de mond mee te snoeren toen de speen niet meer werkte. Ik ben er zo ongeveer mee dood gegeseld. Dus wat deed ik hier? Vrijwillig me laten kwellen? Het zweet kwam op mijn voorhoofd. Ze ging maar door.

‘Vandaag hadden we het over de wedergeboorte’, ze bladerde naar achterin het boek. Een golf misselijkheid kwam omhoog. Wat gebeurde er hier? Wat gebeurde er met mij?

Tadaa

‘U weet wel: Het is gemakkelijker voor een kameel om door het oog van de naald te gaan dan voor een zondaar om in de hemel te komen.’

‘En het vervolg?’ Het kon me nu niets meer schelen. Ze keek me vragend aan. ‘De tekst gaat door toch?’

‘Ja’, knikte ze peinzend, ‘alleen die gebruiken we minder in de onderbouw.’

‘Dat kan me niet schelen,’ ze deed een stap terug, ‘ik wil weten hoe het vervolg ook alweer was!’

Het is gemakkelijker dat een mens terugkeert naar de moederschoot dan….

Bingo

Ik knikte. Bingo. Dat was hem. Daardoor ging ik aan. Het was blijkbaar de maand van de verdrongen herinneringen en actuele triggers. Jezus zou merkkleding hebben gedragen hoorde ik vorige week. Nu werd de oorsprong van mijn weerzin tegen het herbeleven van mijn geboorte even opgediend tijdens de gratis koffie in een supermarkt. De ‘wedergeboorte’ was zo’n issue geweest in een ander leven. Vergeten en weggedrukt. Zelfs het woord riep walging op.

Rebirth

Een echtpaar deed aan rebirthing van homo’s om ze te genezen. Ik zal je de details besparen. Wat me het meest bij is  gebleven is dat ik op een mat werd geworpen terwijl ze met de bijbel in de hand de hele tijd schreeuwden. Dingen als; ‘Je bent een zondaar’ en meer van dat soort mishandeling. Jaren later zijn ze aangeklaagd en kwamen er mee weg omdat een kerk ze de hand boven het hoofd hield.

Helen

GraanWat maakt dat ik je dit vertel? Het delen van mijn verhaal is helpend voor mij. Het zou zomaar helpend kunnen zijn voor jou. Om naar oude pijn toe te gaan, bedoel ik. De pijn zit er toch al. Je kunt er last van hebben. Ga er dan maar naar toe, kijk er na, doe er iets mee en deel het met iemand. Het delen van wat je ten diepste heeft geraakt is helpend. Weer een onbewuste blokkade weg, zou je kunnen zeggen. Het delen van een geheim waarvan je al niet eens meer wist dat je het met je meezeulde is helend. Het is niet de makkelijkste weg. Wel eentje waardoor ik anders in mijn lijf ben gaan zitten. Stukje bij beetje mag het er allemaal zijn.

 

*****

Kom lanterfanten. Ervaar de rust om productiever te kunnen zijn

Agenda

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en ik kan nix

Ik kan nix

Ik kan nixTijdens een observatie, op mijn manier, in een angstig stille klas schreef ik aan hem; ‘Wat doe ik hier?‘ Hij schreef; ‘Ik kan nix!’ Ik stopte de observatie en nodigde hem uit met me mee te komen. Zijn gezicht klaarde op. Hij frommelde zijn sommen in zijn kastje, smokkelde zijn broodtrommeltje mee en bijna huppelend kwam hij achter me aan. Natuurlijk onder de verstoorde blik van de leerkracht. De schoolleider bood me zonder enig commentaar haar kantoor aan en liep zelf de personeelskamer in. Ik legde het briefje voor hem neer en vroeg; ‘Jij kan niks?’ Terwijl hij het smaakvol ingerichte kantoor rondkeek ratelde hij; ‘Nee, ik kan nix. Ik schrijf niet goed, spelling kan ik niet, ik kan niet rekenen en lezen kan ik al helemaal niet en ook iets met tempo.’ Het kwam er allemaal opgewekt uit. Als een feit waar hij tevreden mee leek.

Je bent een kanjer

Geheel op zijn gemak opende hij zijn lunchtrommel en at het laatste stukje brood. Vol trots liet hij een vettig briefje zien. In krullerige letters stond er; Je bent een kanjer. ‘Van me moeder’, straalde hij, ‘doet ze wel vaker. Lief hè?!’ Ik beaamde het. ‘Vind je moeder ook dat je nix kan?’ ‘Nee joh’,  hij schudde lachend zijn hoofd, ‘van me moeder ken ik alles en de rest is niet belangrijk zegt ze altijd.’ ‘Ah’, knikte ik begrijpend, ‘volgens mij heb jij een hele leuke moeder.’ Zijn hoofd ging schuin en hij knikte; ‘Superleuk. Misschien wil je haar een keertje zien, want ik heb nog geen vader.’ We lachten samen de pijn van deze ontboezeming weg. Voer voor een ander blog. 

Jij kunt alles

‘Je moeder zegt; Jij kunt alles. Wat is dat dan?’ Hij keek me verbaasd aan, ‘Nou eh, gewoon. Ik kan met de bijen en de vogels praten, nou ja, soort van dan, als ik in mijn tuin plantjes kweek. En ik heb me eigen plantenboek. Dan teken ik de plantjes als ze groeien en zoek de naam op met de laptop en zo.’ Hij keek me afwachtend aan. Toen mijn wenkbrauwen blijkbaar genoeg omhoog waren ging hij verder. ‘Ik kan heel goed de bijen tekenen, alle soorten. En ik kan heel goed mijn hond kunstjes laten doen en ik bouw Lego racewagens, zelf, uit mijn hoofd.’

Internet

‘Als je iets op internet opzoekt dan kun je dus wel lezen.’ letters dansen

Hij keek me aan. ‘Ja natuurlijk! Maar niet zoals de juf en niet uit een boek als het snel moet. Dan lopen de letters door de war, zeg maar.’

‘Om race wagens te bouwen moet je soms wel eens iets berekenen toch?’

‘Ja’, knikte hij, ‘maar dat doe ik dan met de rekenmachine en met potlood op grote oude stukken behang. Niet in die stomme kleine hokjes.’ 

Anders

Hij leerde gewoon anders, om een lang verhaal kort te sluiten. De kanjer van een alleenstaande moeder had hem zoveel basisvertrouwen meegegeven dat hij de hele wereld leek aan te kunnen. Hij kon alles, alleen niet op school. Maar de voortdurend negatieve (mis)behandeling van de leerkrachten leken geen vat op hem te hebben.  Hij kon alles en de rest, school dus, was niet belangrijk. Sinds hij naar de oogarts was geweest op mijn advies kon hij trouwens wel lezen op school. Zijn ogen werkten niet goed samen. Hij kreeg ineens de cijfers wel in de aangepaste grotere hokjes en schreef stukken beter, met potlood. 

Meten

We meten op school wat we al denken te weten, vanuit vooronderstelling. Kijken naar het kind, wat het vertelt met zijn lichaam, met zijn gedrag, hoort helaas te weinig tot de vaardigheden van de leerkracht. Dat het niet al te traumatisch is geworden voor hem lag vooral aan de onvoorwaardelijke liefde van zijn moeder; ‘Je bent helemaal goed zoals je bent.’ Van onschatbare waarde. Wat school je ook probeert op te leggen wat er fout is aan je kind, geloof ze niet. Als er iets fout zou zijn aan je kind, betekent het dat de leerkracht ergens last van heeft in het rigide onderwijssysteem. Dat is nooit het probleem van het kind. Bovendien, jij weet wel beter als ouder. Dus blijf af en toe dat briefje schrijven en verstop dat in zijn broodtrommeltje, hij is immers hoe dan ook jouw kanjer. 

 

*****

Kom je lanterfanten?

Geplaatst in Beelddenken | 4 reacties

Beelddenken en de bijsluiter

beelddenken verbeeld

Beelddenken

Mijn beelddenken, mijn in beelden denken, is het voortdurend denken in heel veel over elkaar heen tuimelende beelden. In razend tempo roepen ze weer nieuwe beelden op. Daardoor is mijn oorspronkelijke beeld al snel buiten beeld. In onderzoeken worden zelfs 32 beelden per seconde genoemd. Dat zou het filmische karakter van mijn beelden verklaren. Mijn innerlijk oog wordt dan ook voortdurend naar deze film(s) getrokken. Zonder ondertiteling. Er komen nauwelijks of geen woorden aan te pas. Ik zie, weet, voel en ervaar het verband tussen al die beelden.

Voorstellen

Kan ik mij dan makkelijk iets voorstellen? Ja ik heb vrij snel overal beeld bij. Behalve als het een geleide visualisatie is. Dus als iemand je ergens naar toe praat. Deels komt dat door een behoorlijk gebrek aan concentratie zodra ik alleen maar moet luisteren, deels komt dat doordat ik volledig aan de haal gaal met de visualisatie. Dan kom je vaak heel ergens anders uit dan de bedoeling is en leg dat maar eens uit. De andere kant is dat als je mij een geleide visualisatie laat doen aan de hand van mijn eigen rode draad, zelfs de ergste platlander zich ineens van alles driedimensionaal kan voorstellen.  

beelddenken in actie

Onnavolgbaar

Ze zijn onnavolgbaar, mijn visuele denkprocessen. Vaak ben ik de taaldenkers ver vooruit. Dat is niet beter, wel anders en communiceert meestal lastig. Via al die beelden zal ik mijn weg terug moeten vinden naar het begin. Om van daar af de ander met me mee te kunnen nemen. Vanuit de helikopter, vanaf het drie-dimensionale totaalplaatje, zal ik moeten afdalen naar de platte details. De film stilzetten zonder het verband te verliezen. Sterker nog, ik moet de visuele verbanden om zien te zetten in begrijpelijke taal. Dat kost tijd, om van A naar B te denken waar ik eigenlijk het hele alfabet in 1 keer wil.

Talent 

Vaak een eenzaam talent, maar een talent is het. Beelddenken behoeft andere vaardigheden. Zoals Geduld met hoofdletter G. Want ik zal moeten wachten voor de ander ook het totaalplaatje heeft en de verbanden ziet. Voor de talige luisteraar vergt het eveneens geduld. Om te wachten tot mijn beelden zijn omgevormd tot logische taal. 

beelddenken overzicht

Overleven

Overleven? Beelddenken is, net als andere labels, een overlevingsmechanisme van de mens. Ik had dat nodig om te kunnen ‘overleven’ toen ik op de wereld kwam. Ergens in de zwangerschap, tijdens de geboorte of in een bepaalde hechtingsfase was er stress die ervoor zorgde dat ik mijn visuele talent door ontwikkelde. Mijn brein heeft dat ervaren als een succesvolle overlevingsstrategie en blijft dat herhalen. 

Taal

Als beelddenker heb je zo je eigen taal. Ik maakte als kind al geheel nieuwe woordcombinaties of bedacht een niet bestaand woord. Soms is de huidige taal gewoon niet toereikend om uit te drukken wat je aan beeld ziet. Talige puristen worden daar altijd heel iebelig van. Het staat niet in Van Dale dus het bestaat niet. Daar trek ik me al heel lang niets meer van aan. Zo sluier ik mijn beelden af als ik luister. Dat is geen correct taalgebruik.

beelddenken en leren visual spatial learning style

Afsluieren

Afsluieren is geen werkwoord. Zelfs Google heeft er moeite mee en komt automatisch bij mij terecht :-). Maar het is wat ik doe. Ik sluier de beelden in mijn hoofd af, ik zet de films stil, zodra ik luister naar een cliënt. Dan kan ik diep luisteren. Ik doe dat met het bijbehorende talent om te hyper focussen om de ander echt te horen en te begrijpen. Daardoor kan ik zien wat er niet gezegd wordt. 

 
Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en als kind kon ik toveren

Toveren

Toveren kon ik als kind. Ik liep altijd met een stok. Ik vond ze in de tuin, in het bos of op straat. Met mijn talent voor sociaal wenselijk gedrag leerde ik al snel dat ik het mijn zwaard moest noemen, mijn speer, geweer of mijn wandelstok. Het was natuurlijk mijn toverstok, maar dat mocht niet, toveren was iets van de duivel. Dat deed je niet. Hij raakte ook altijd kwijt. Dan vond ik wel weer een ander en begon ik weer opnieuw met beitels en ander gereedschap. Schaven, hakken, schuren tot het weer mijn eigen magische toverstaf was. Als ik naar school ging verstopte ik hem in de buurt want hij mocht natuurlijk niet mee de klas in, stel je voor. Ik was nog niet zo ver gevorderd dat ik hem onzichtbaar kon maken en Hogwarts bestond nog niet.

Hagrid

Toveren met Hagrid Een tijdje geleden kwam ik op feestboek mijn ‘eigen’ Hagrid tegen. Hij toverde met zijn handen de prachtigste voorwerpen uit hout. Schalen, tollen en op een keer; een toverstaf. Ik deelde hem op mijn tijdlijn en mijn Belgische lieve collega Sandra Kleipas reageerde onmiddellijk. Volgens mij heeft haar #kleinefilosoof er nu eentje. Ik deelde hem en werd er blij van maar kocht hem zelf niet. Doe normaal zeg. Toch bleef het ergens haken. Als dirigent van mijn eigen zangers kan ik toveren met muziek en dirigeer ik met mijn handen. Dat is op zich magisch genoeg. Wellicht als je professioneel voor een orkest staat dat je dan een dirigeerstok gebruikt. Een baton als verlenging van je arm zodat ook de blazers op de achterste rij jouw slag kunnen zien. Voor een klein a capella koor is dat not done.

Peter Peer 

Toveren met Peter Peer toverstafOndanks de duivelse logaritmes van Mark bleef ik dit soort berichten zien: Tovenaars in Nijmegen opgelet! Er komt een toverstaf naar één van jullie gevlogen! Per uilenpost natuurlijk! Deze heeft een ingebouwde fluxversterker én is gegarandeerd terugslagvrij. Dat is wel zo handig, dat weet elke tovenaar… De humor en het vakmanschap gingen hand in hand. Dus liet dat haakje weer van zich horen. Ik zocht contact met Peter Peer

Toverstok

Toveren Peter Peer HagridBeste Peter Peer. Ik volg jou al een tijdje. Dat komt natuurlijk door je kunt toveren met hout. Ik kan toveren met muziek. Maar ja, als volwassene ga je natuurlijk geen toverstok bestellen. Nu denk ik daar het volgende op gevonden te hebben. Jij maakt een dirigeerstok voor mij. Dat kan. Dat is niet gek. Echter, tussen jou en mij, (niemand die dit leest, toch?) bouw je daar een fluxversterker in maak je hem terugslagvrij. Weten jij en ik dat het een toverstaf is maar voor de buitenwereld is het een serieuze dirigeerstok  Deal? 

Beste Maarten,
Ik vind het een geweldig goed idee. En toveren is trouwens niks om voor te schamen. Maar goed, niet iedereen begrijpt dat. 😉Ik heb wel eens overwogen om een baton te maken. Het viel me op dat ze vrij lang en heel dun zijn. Heb je voorkeur voor een bepaalde lengte? En misschien ook een voorkeur voor houtkleur (juist licht of donker, rood). Je zal in het begin nog wel een beetje moeten oppassen met dirigeren. Als de fluxversterking aan staat, is het mogelijk om per ongeluk (of expres) instrumenten in de knoop te leggen. Bij een hoorn misschien niet zo’n probleem, maar een cello lijkt me toch lastig bespelen met een knoop in de hals. 😀 Groetjes Peter Peer

Beste Peter

De diritoverstok hoeft voor mij niet langer dan 30 cm te zijn, exclusief handvat. Handvat ongeveer 7 cm. Mijn voorkeur ligt in rood, misschien zelfs wel glanzend waardoor eventuele valse tegenkrachten met 1 slag zijn af te weren. Zo’n flinterdunne staf, eh stok, hoeft niet. Kijk maar wat werkbaar is, al moet ie natuurlijk wel dunner zijn dan de gemiddelde toverstok want anders hebben ze me meteen door. Meestal laat ik mijn zangers zingen zonder instrumenten dus dat komt wel goed. Voor mijn dagelijks werk haal ik mensen uit de knoop, dus zeg maar dat ik die beweging al ken  

Perfect dat komt dus helemaal goed. Als je zegt rood dan denk ik meteen aan padoek. Zeer hard en donkerrood. Of aan het kernhout van taxus. Dat is magisch hout. Maar wel minder intens rood. Groet, Peter.

Het dilemma van de ware tovenaar dus. Kies ik voor donkerrood of voor magisch hout? Ik ga voor padoek! Omdat het al magisch klinkt.

Dat is zeker waar! Ik ga hem voor je maken!

Op een dag was ie klaartoveren met dirigeerstok Peter Peer

Hoi Maarten!
Ik heb de diritoverstok af! De kleur is nog mooier bij natuurlijk licht. 

De waardebepaling was nog wel een dingetje. Voor mij was de tover dirigeer stok van onschatbare waarde, op maat gemaakt. Peter was echter nog niet overtuigd dus, beroepsdeformatie, schoot ik in de coach-stand. 

Hè. Wat? Peter. Hoe lang ben je bezig geweest? Dit is een prachtige prijs hoor maar is meer waard dacht ik zo. Je bent echt een tovenaar.
Peter viel door de mand; ‘Ik ben er een uur mee bezig geweest. He, val ik door de mand. Ik probeerde mijn baard nog te verhullen als iets hipster-achtigs. 
Nachtje slapen
Ik vroeg hem er nog eens een nachtje over te slapen. Een prijskaartje hangen aan je product of dienst, daar worstelen ondernemers nogal eens mee. Daar weet ik alles van. Zolang ik niet overtuigd was van de waarde die ik bood, hanteerde ik tarieven waarbij ik zelf toe moest leggen om beleg op mijn brood te kunnen doen. Wat een worsteling is dat geweest. Gaan staan voor wie ik ben want dat is de waarde die ik bied. Het vertrouwen hebben in mijzelf dat ik het waard ben. Dat ga je meteen herkennen als een startende collega ondernemer met half angstige ogen zijn prijs mompelt tijdens een netwerkborrel en een uurtarief hanteert wat lager ligt aan een gemiddeld postsorteerbedrijf. 
Nachtje woelen
Hoi Maarten, Nou ik ben eruit. Ik was bij de prijs die ik gisteren noemde nog een paar zaken vergeten;
  •  het maken van de diritoverstok
  •  het ontwerpen van de diritoverstok 
  •  het zorgvuldig selecteren, kopen én voorbereiden van het hout
  •  de ervaring om er iets moois van te maken 
  •  het geduld om de details te verfijnen 
  •  een dansje in de werkplaats
  •  het overbrengen van plezier en liefde
  •  een portie zelf liefde

Waarde

Dit alles komt dan bij elkaar op XX euro inclusief btw. Exclusief verzendkosten. Ik wil je heel graag hartelijk bedanken voor je vraag. Je hebt absoluut gelijk. Belangrijk is het dat ik ga staan voor de waarde die ik bied. Mijn waarde. Graag hoor ik of je akkoord gaat met deze nieuwe prijs, en waar ik de diritoverstaf naartoe mag sturen. Groeten, Peter

Heerlijk toch? De humor en het inzicht. Aan beide kanten. Dan komt als vanzelf het vervolg. Deze magische man gaat vast weer een nieuwe niche voorzien. Ik ging hierdoor nog een stapje verder. Zo leuk als ondernemers zaken gaan doen met elkaar. 

Vervolg

Heb ik meteen een volgende vraag voor je hem gaat versturen……
Kun je er een doos of koker voor maken? Als dat niet je ding is moet je het ook zeggen hoor. Maar ik doe veel op de fiets en het zou jammer zijn als hij in de fietstas beschadigt.
Wat leuk dat je dat vraagt. Ik heb het nog niet eerder gemaakt, maar ik heb wel een idee hoe ik het kan maken. Ik heb meer opdrachten staan om te maken. Wil je de diritoverstaf alvast toegestuurd krijgen, of kan je nog even wachten? Ik verwacht dat ik over ongeveer twee weken voor je aan de slag kan. Groetjes Peter Peer
Ik kan natuurlijk niet wachten maar ik wacht wel tot je er aan toe komt. 😃
Leuk! Het lijkt me heel gaaf als het lukt om er een bijpassende koker voor te maken!
Elkaar zien in elkaars humor en vakmanschap. Beiden op onze eigen manier verbonden met het kind in ons. Binnenkort loop ik dus weer met een stok. Mijn tover dirigeer stok. 
*****
De volgende Lanterfanten is op zondag 18 maart!
toveren reuzenpanda lanterfanter
Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en als je de beelden in mijn hoofd zou zien

Als beelddenker met de beelden in mijn hoofd schrijven, een verhaal vertellen, dat is voor mij de ultieme ontspanning. Zonder oordeel, schrijven vanuit mijn hart. Het deel van mijn hersenen dat zich met denken bezighoudt valt dan stil en maakt plaats voor mijn creatieve deel. Eigenlijk dus een vorm van lanterfanten. Waar dit verhaal vandaan kwam of waar het naar toe gaat? Geen idee. Het is er. Het schreef zichzelf. 

collossum beelddenker

Beelddenker in beeld

De arena zat bomvol. Als ik naar boven keek was de laatste rij mensen net een stel play mobil figuurtjes door een zoomlens. Alle leerkrachten van Nederland en België hadden zich verzameld. In de laatste week toen de aanmeldingen maar bleven binnenkomen had ik nog grote schermen geregeld zodat er nu nog een paar duizend leerkrachten opeengepakt op de pleinen stonden. Ik wist dat het goed was wat ik ging doen, had er vurig naar verlangd en toch was er zo’n klein twijfeltje dat maar in beeld bleef komen. Dat ik mijn cliëntje als kermisattractie ging gebruiken. Maar Tom had samen met zijn ouders toestemming gegeven. Hij zat als jonge hoogbegaafde al op de universiteit en had de wens om wetenschapper te worden. 

Zichtbaar

Afijn ik kon nu niet meer terug. En daar was Tom ook al. Hij bleef in de entree staan, blikte met open mond naar boven, slikte toen, schudde zijn hoofd en stapte de arena in. Het werd meteen muisstil. Neuro wetenschapper Uchida ontving hem op het draaiplateau en begon de voor mij inmiddels bekende routine van het aansluiten van elektroden op het bovenlichaam van Tom. De vele schermen naast en boven elkaar opgesteld, niet voor het publiek zichtbaar leken hem meer te boeien dan de in het half donker gehulde zaal met publiek.

Ik liep naar voren en heette iedereen welkom. Het was nu aan mij om het waarom van deze avond nog eens uit te leggen. Dat was een helder verhaal. Het moeilijkste voor mij was het om in simpele bewoordingen uit te leggen wat er nu precies ging gebeuren. 

Uitleg

“Doctor Uchida gaat via de nieuwste technologie de beelden in Toms hoofd, zijn visuele gedachten, als beelddenker, reconstrueren uit zijn hersenactiviteit en projecteren op de schermen achter mij.” Het was echt doodstil, ik had de volledige aandacht. Dit was dan ook nog nooit eerder vertoond. De wetenschap was al langer bezig met het in beeld brengen van hersenactiviteit maar zo concreet en live als nu, nee dat was nieuw.

Het beeld in je hoofd

Door gebruik te maken van hoogbegaafde beelddenkers was het onderzoek in een stroomversnelling gekomen en konden we dit nu laten zien. Het betekende een stap vooruit in de erkenning van het begrip beelddenken en ook nog eens uit heel onverwachte hoek. “Wat er in feite gebeurt is dat de software in staat is om uit de data in de hersenen driedimensionale beelden te berekenen. We gaan de beelden zien zoals Tom ze ziet in zijn hoofd. Niet wat hij waarneemt met zijn ogen in de buitenwereld maar de beelden van een beelddenker in zijn hersenen. “ Er ontstond wat geroezemoes. 

Gedachten in beeld

Dat we de waarneming van mensen om konden zetten naar vage beelden was bekend. Maar dit was nieuw. Heldere drie-dimensionale weergaven van de beelden zoals Tom ze maakt in gedachten. “Ik ga u niet lastig vallen met de wetenschappelijke achtergronden hiervan. U heeft een folder gekregen bij binnenkomst. Daar staan wat feiten voor u op een rijtje. Professor Uchida zal na de ‘voorstelling’  graag uw vragen beantwoorden.” Er klonk wat gegrinnik.

Showtime

de beelden in je hoofd

“Waar het mij vooral om gaat is te laten zien hoe en waar de beelddenker zijn beelden maakt. En dat dat anders is dan bij een niet-beelddenker of een taaldenker.”

Tom keek mij over het paneel aan. Iets in mijn woorden had zijn aandacht getrokken. Zou hij vermoeden wat ik van plan was? En, belangrijker, hoe zou zijn reactie zijn?

Zonder verdere overgang zette ik het midden van het podium met professor Uchida en Tom in het volle licht. Er boven opende ik het enorme scherm. Ik bediende alles zelf met een ingenieuze afstandsbediening.

Timing

Er was een heel team van techneuten om in te grijpen waar het nodig was op technisch gebied maar dit hield ik graag zelf in de hand. De timing was belangrijk. In een paar korte beelden legde ik de verschillen en overeenkomsten uit tussen de beide hersenhelften. En liet de zaal zien hoe de verschillende hersenactiviteiten zichtbaar zouden zijn met oplichtende kleuren. 

Beeld bij een woord

Het grote midden scherm zou de beelden van Tom vertonen. Rechts een doorsnede van zijn hersenen met de oplichtende kleuren. Ik keek naar de hoofdrolspeler. Hij en de professor gaven met een korte knik te kennen dat alles klaar was. Ik zette de hobo muziek van Elgar aan, zachtjes zweefden de klanken de zaal in. Ik wist dat Tom er rustiger van werd, zich beter kon concentreren. Het gaf ook wel een beetje dramatisch effect aan dit alles, zoals bij een film. “Tom?” Vroeg ik met mijn meest rustige stem die ik kon vinden. Hij schraapte zijn keel en ging rechtop zitten. “Ja”. “Ben je er klaar voor?” “Ja. Ik ben er klaar voor, voor zover dat kan natuurlijk.  Ik adem diep door mijn buik en zit zo ontspannen mogelijk. En eh, het zweet staat wel op mijn rug. Maar”, voegde hij er aan toe “Dokter Uchida houdt mijn hand vast.” Ik glimlachte. Zo typisch Tom. 

Associaties

De zaal grinnikte en er klonken wat ah’s en oh’s. “Dan komt het goed Tom. Maak je hoofd zo leeg mogelijk en probeer exact te doen wat ik van je vraag.” Hij knikte. Als Tom een vraag niet begreep kon hij zelf het paneel dat de beelden projecteerde even uitschakelen. Zonder gerichte opdracht werd het scherm grijs, zoals bij een ouderwets televisietoestel dat sneeuwde als er geen uitzending meer was. 

Ik zal een woord noemen en als het goed is zien we dan in beelden waar Tom aan denkt bij het horen van dat woord.”

Boom

Na een korte stilte zei ik nadrukkelijk; “BOOM”. De schermen lichtten op en in wat onwerkelijke kleuren zagen we de contouren van het bos waar we vanmiddag tijdens het lunchen hadden gewandeld.  Ook mijn ogen bleven aan het scherm gekleefd. Het kleinere scherm toon het flikkerende beeld van een doorsnee van zijn hersenhelften waar de activiteit van kleur en licht en donker veranderde. Vooral in de rechter hemisfeer was veel activiteit te zien. 

Tom schakelde het paneel uit. Zoals afgesproken. De hoeveelheid beelden bij het woord zouden na een paar seconden op het scherm in elkaar overlopen en vervagen. 

rechterhersenhelft

De taaldenker versus de beelddenker

Aan de andere kant ging een deur open. Toms tweelingbroer Sven kwam binnen. Ik introduceerde hem aan het publiek en legde uit dat Sven taaldenker was en dat we bij hem hetzelfde gingen doen als bij zijn broer. Tom leek verrast en keek mij vragend aan. Ik knikte geruststellend naar de tweeling. Sven werd aangesloten en een nieuw scherm lichte op, net als dat van Tom in twee delen gesplitst.

Boom

Toen Sven aangaf dat hij er klaar voor was noemde ik ook voor hem het woord ‘BOOM’. Er was wel enige activiteit te zien op het scherm met de doorsnede van zijn hersenhelften maar er verscheen geen enkel beeld. Met enige moeite was er slechts wat kleurverschil waar te nemen. Dit was een spannend moment. Nog niet eerder hadden we een taaldenker aangesloten. Ik had verwacht dat ik bij Sven de letter B-O-O-M zou zien op het scherm, maar er verscheen geen letter, geen beeld.

Hond

We herhaalden het met het woord HOND. Bij beelddenkerTom verscheen onmiddellijk een beeld van zijn springende labrador, zijn maatje thuis. Bij taaldenker Sven niets. Het belangrijkste was echter wel dat er bij beiden in een ander deel van hersenen activiteit te zien was en daar ging het ons om. Bij het woord OMDAT was bij Tom geen enkele activiteit waar te nemen en bij Sven hetzelfde als bij andere woorden. “Voor Tom is dit een zogenaamd leeg woord, hij heeft er geen actief beeld bij”, legde ik uit. 

Door het beeld

Tot slot deden we een visualisatie. Het gezin van Tom en Sven was onlangs op vakantie naar Kreta geweest. Ik liet ze beiden hun favoriete strand in gedachten nemen. Bij Tom verscheen vrijwel onmiddellijk zand, zee en zon. Voor een kort moment zo helder dat je de zee bijna kon horen. Typisch een beelddenker. Bij Sven verscheen slechts een slechte korrelige zwart wit foto. Dit keer was bij beiden alle activiteit vooral in de rechterhersenhelft. Vlak voordat Tom zijn paneel met een lichte kreet uitschakelde zag ik een schaduw door het beeld van Tom lopen en even later verdwijnen in het scherm van Sven. Het was een vormeloze, donkere schaduw. Hadden nog meer mensen dat gezien?

Alert

linker en rechter hersenhelft

De professor kuchte. Ik haalde mijn ogen van de schermen af en vertelde over het geroezemoes heen dat men vragen kon stellen aan ons. We gingen naast elkaar op de stoelen zitten die al klaar stonden en mensen van de techniek sloten microfoons aan. Hoewel ik schijnbaar alert de vragenstellers aan het woord liet en samen met de professor antwoord gaf was ik er niet meer bij met mijn gedachten.

Het bleef knagen.

Had ik de schaduwen werkelijk gezien of zag ik ze alleen in mijn hoofd? Tom was er ook niet bij, hij keek voortdurend naar mij en had een wit gezicht. Zodra we hier klaar waren moest ik de beelden opnieuw bekijken. Alles was opgenomen voor verder onderzoek en publicatie. Dan zou ik weten wat ik gezien had. Maar wat het betekende?

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en de ontdekking dat het er allemaal mag zijn

Goed en slecht, zwart en wit, dag en nacht. Het bestaat allemaal al naast elkaar. Geen regenboog zonder regen. Het vechten begint pas wanneer het er niet mag zijn. Ik kwam daarop door wat reacties op sociale media, weliswaar van ‘onbekenden’, maar toch; ‘Jij hebt makkelijk praten, bij jou gaat alles altijd goed. Bij jou lukt altijd alles.’ Is dat hoe ik overkom? Is dat hoe ik wil overkomen? Of is dat wat ik laat zien; alleen wat er goed gaat, dus het topje van de bekende ijsberg? Duik mee de diepte in. 

weg naar succes

Oordeel

Het keihard vallen en telkens weer opstaan. Zacht en liefdevol naar mezelf kijken en tegelijk mijzelf hard veroordelen. Het weten dat ik het weet hand in hand met het onzekere ja maar als ik het nou toch niet blijk te weten. Het vertrouwen op mijn intuïtie samen met het er vaak niet op durven vertrouwen. Het er zijn en er voor staan samen met het ervoor weglopen als het te dichtbij komt of lastig wordt. Het is er allemaal, als je me kent. 

Ik schrijf mijn examenstukken en weet dat het goed is en toch twijfel en aarzel ik. Ik weet wat ik voel maar is de taal die ik gebruik daar wel geschikt voor? Zal de ander mij wel begrijpen? Ben ik zo aan het schaven en schrappen dat ik elk gevoel eruit weglaat? Mijn beschermende delen strijden weer eens om voorrang; Dit gaat weer boven je pet je had er nooit aan moeten beginnen is toch niets voor jou zie je nu wel dat het niet gaat ga eens gewoon iets simpels doen je hebt helemaal niets met paarden straks lig je onder die 600 kilo wat wil je nou nog op jouw leeftijd doe maar normaal dan doe je al gek genoeg. Ik laat ze er zijn, doe af en toe een stapje naar achter of zet de muziek wat harder en ga door hand in hand met de o zo vertrouwde onzekerheid en faalangst. Ik luister en herluister intern de vaak haarscherpe analyses van anderen, zij zien wat ik, nog, niet zie, niet wil zien, niet durf te zien. 

Uitdagingen

Vol enthousiasme ga ik de bootcamp met Jolanda Pikkaart aan om de opzet voor mijn boek te maken. In mijn hoofd is het er al. Jolanda ‘lijnt’ mij kleurrijk aan en dwingt me elke stap te doorlopen en wijst me op de valkuilen voor een schrijver. Dat is nodig, weet ik, om mij in een productieve structuur te krijgen. Elke dag schrijf ik een uur voor de dag uit in de afleidingsvrije ochtendschemer. Twijfel en wanhoop kijken over mijn schouder mee, wie zit er op jouw verhaal te wachten? Ik zie ze, bedank ze voor hun aanwezigheid; “Just don’t serve them tea!” Het schrijfproces is merkbaar lastiger en langer dan voor een taaldenker maar ik ga het aan. Langzamer is niet slechter, alleen langzamer. 

Ik heb het lef gehad mij te verbinden met Hugo Bakker en Jan Everts en ga way out of my comfortzone met hun challenge voor het maken van een online training. De content van Hugo is zo waardevol, zo praktisch immediatement toepasbaar dat ik nog dagelijks verbaast ben over het resultaat. Tegelijk is daar dat donkere wolkje. Die van; dat gaat je nooit lukken, daar heb je niet eens de tijd voor. Het durven aangaan van deze uitdaging voelt al zo goed dat de twijfel slechts meekijkt en mij niet in de weg loopt of tegenhoudt. Ik eet mijn kikkers elke dag om 06.00 uur, tijd is er genoeg. Het enige is dat ik ook mijn rust nu beter mag gaan in plannen. Wat scheelt is dat ik, sociaal onaangepast als ik ben, geen tv kijk en geen ‘verplichte’ feestjes bezoek. 

our deepest fear

De workshop Lanterfanten gaat met zoveel gemak, zo vanuit mijn natuurlijk talent, blijkbaar. Dat wist ik natuurlijk al en toch is elke keer weer een prettige ontdekking. Tegelijk leer ik heel veel. Ik kan het iedereen aanraden, geef een workshop, een training of een interactieve lezing; je leert er zelf het meeste van. Dat in de lucht gooien van een idee voor een workshop en het hele proces van het maken van de content tot en met het ontvangen van testimonials na afloop gaat geheel op mijn eigen kracht, ik denk er niet eens over na, ik doe het gewoon. Ik vraag niemand om toestemming, ik ben bereid volledig op mijn bek te gaan en kan moeiteloos improviseren waar nodig. Daarbij luister ik naar niemand. Ja, ik ontvang graag de tips van Hugo en ja ik ontvang de feedback vaan de deelnemers en pas een volgende versie daar eventueel op aan. Toch volg ik alleen mijn eigen kop, mijn eigen hart. Ook al komen er heel veel negatieve reacties op de stroom publicaties van mij hierover. Het raakt me niet, ook dat mag er zijn. Ik doe toch wat ik wil omdat ik voel dat het goed is. Dat bewijst zich keer op keer. Hiervoor heb ik blijkbaar geen bevestiging nodig. Dan vertrouw ik op mij en ben ik goed genoeg. Interessant niet? 

Met in verhouding een flintertje opleiding en af en toe wat coaching, sta ik al ruim 6 jaar voor mijn koor. Ik laat ze zingen wat ik mooi vind. Ze hebben tenslotte voor mij en mijn repertoire gekozen. De meest kwetsbare positie van dirigent vul ik moeiteloos en ik ontvang de feedback, soms pak ik ze zelfs uit :-). Ik ga de confrontatie aan zodra het leiden van mijn koor lijden dreigt te worden, waaruit ik dan weer verrassend nieuwe verbindingen kan laten ontstaan. Er staan altijd mensen te roepen hoe het beter zou kunnen, zolang dat muzikaal technisch is wil ik daar ook van harte van leren. Verder hou ik van mijn zangers, we zingen vanuit de verbinding met elkaar, we delen lief en leed. We studeren nootjes, maken muziek, spreken elkaar aan op de discipline van het thuis studeren en elkaars commitment en eten en drinken na afloop van elke repetitie. Ondertussen blijft mijn visie overeind. Ik dirigeer op gevoel, intuïtief. Hiervoor heb ik blijkbaar geen bevestiging nodig. Dan vertrouw ik op mij en ben ik goed genoeg. Interessant niet? 

Vergelijken

Daar waar ik naar anderen kijk, mag er veel niet zijn. Daar waar ik mijzelf vergelijk met anderen, mag er veel niet samen naast elkaar bestaan. Dan accepteer ik mijn eigen leercurve niet, de ander is al verder en ‘beter’, wat dat dan ook is. Dan wil ik niet de leerling zijn, moet het in 1 keer goed en liever nog perfect en net zo moeiteloos alsof ik het al honderd jaar doe. Wat niet zo is. Alsof ik denk dat anderen dat van mij verwachten. Wat maakt dat het zo moeilijk is om aan het begin te staan en rustig de volgende stap te nemen zodra ik daar klaar voor ben? Ik race over het parcours en zie de hindernissen pas als ik allang gestruikeld ben en dan wil ik het liefst nog ontkennen dat er een obstakel was. Dat blokkeert ook nog eens de enorme hoeveelheid kennis en intuïtie die ik wel heb maar waar ik dan niet meer bij kan komen. Hiervoor heb ik blijkbaar bevestiging nodig. Dan vertrouw ik niet meer op mij en ben ik niet goed genoeg. Interessant niet? 

Als het er toch eens allemaal mocht zijn, naast elkaar, tegelijkertijd. Hoe zou dat zijn?

Daarnaast heb ik blijkbaar een lief deel, wat naar boven komt zodra het even moeilijk wordt, wat maakt dat anderen voor me gaan zorgen, mij gaan redden. Ik wist het niet maar dat deel beschermt mij dus al jaren. Deels is dat van de ander want je hoeft mij tenslotte niet te redden, dat is dan toch echt jouw keus. Deels is dat blijkbaar een overlevingsmechanisme wat mij weerhoudt om de moed te hebben een fout te maken, te bekijken, er van te leren en de nieuwe kennis toe te passen. Misschien mis ik wel de moed om de verantwoordelijkheid te nemen voor iets wat fout gaat, of nog niet goed gaat. De verantwoordelijkheid te nemen voor wat ik nog niet weet. Misschien loop ik wel weg voor de verantwoordelijkheid dat het wel eens heel erg goed zou kunnen gaan.

Voor nu mag het er zijn, allemaal. 

 

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en wat muziek doet voor ons brein en onze gezondheid

music can heal

Deze week kwam er op de sociale media een vraag voorbij over muziek en daar schrijf ik regelmatig over dus ik linkte naar een oud blog. Vandaag de meer uitgebreide en aangepaste versie daarvan. Gisteren was ik in Paradiso op de korendag. Heel Nederland zingt zo ongeveer en wordt daar merkbaar gelukkig van. 

Het hele brein doet mee

Zowel het leren bespelen van een instrument, noten leren lezen, zingen, als het luisteren naar klassieke muziek doet veel met een mens. Muziek beleven is een ‘whole-brainer’ en kan dus zorgen voor betere verbindingen tussen de beide hersenhelften. Neuropsycholoog Hellmuth Petsche ontdekte dat het beoefenen van muziek de corpus callossum versterkt: dit is de verbinding tussen de rechter- en de linkerhersenhelft (Bastian, 2003) Dat is nog maar 1 van de effecten.

Er is heel veel onderzoek naar. (Zie ook de links onder dit blog) De onderzoeken spreken elkaar soms tegen of bevestigen elkaar. Dat geeft niet, er is volop aandacht voor en leerlingen en studenten hebben daar baat bij. Muziekonderwijs is vanaf de kleuterklas van groot belang, voor een betere ontwikkeling van het brein, voor een betere sensorische integratie en je wordt er een gelukkig mens van. 

Muziek beleven. Daar gaat het om. Actief bezig zijn met muziek. Intensief luisteren, meebewegen, ervaren, voelen. Geconcentreerd de muziek binnen laten komen. Muziek maken, zingen, noten leren lezen, een instrument leren bespelen. Er zijn in ons land, met gelukkig nog steeds een rijke muzikale traditie, veel activiteiten om kinderen kennis te laten maken met klassieke muziek. Actief. Vanuit de totaalbeleving. Zoals onderwijs zou moeten zijn. Er zijn nog steeds meer mensen lid van een koor dan van een voetbalvereniging.

Wat doet klassiek muziek met ons ? 

Neem de barok- en renaissance-muziek bijvoorbeeld. Daar zitten vaste structuren in, geijkte patronen, herhaalde melodie-lijnen. Daar hebben we baat bij. 

  • Het zorgt voor diepe ontspanning.
  • Het activeert meerdere gebieden in ons brein.
  • Het stopt de beeldenstorm en gedachtestroom in ons hoofd.
  • Het kan het cognitieve vermogen verbeteren.
  • Het kan het geheugen verbeteren.
  • Het kan de concentratie bevorderen.
  • Het kan helpen ons af te schermen voor prikkels.
  • Het kan de slaap verbeteren.
  • Het kanaliseert emoties.

Klassieke muziek is dus van invloed op ons brein als geheel door de melodie en het ritme en door de vaste herhalingen er van. Ritme bevordert de aanmaak van serotonine, het hormoon waardoor je je goed voelt en waardoor de spanning vermindert. Muziek geef het brein als het ware een prettig schokje. Het ritme van muziek kan bijvoorbeeld de hartslag verbeteren en een melodie kan zomaar het creatieve vonkje in onze hersenen ontsteken. In tegenstelling tot andere vormen van kunst raakt muziek onmiddellijk aan onze emoties. Klassieke muziek op jonge leeftijd draagt bij aan de cognitieve ontwikkeling van het kind. Het beïnvloedt onze hersengolven en meer waarneembaar onze ademhaling, onze bloeddruk. Klassieke muziek luisteren en/of, nog beter, beoefenen helpt ons beter te concentreren en meer informatie op te kunnen nemen in kortere tijd doordat het beide hersenhelften tegelijk activeert. Op deze manier zet je de auditieve en sensorische kanalen wagenwijd open.

Effect op leren

Moderne muziek heeft dat effect minder door een gebrek aan dat bepaalde evenwicht tussen melodie en ritme. Hoewel het maken van rapmuziek, praten op muziek, wel weer een positief effect heeft op jongeren met probleemgedrag, ook alweer omdat het beide hersenhelften activeert. Luisteren naar klassieke muziek betekent dat hele complexe gebieden in de hersenen samenwerken. Ik denk dat klassieke muziek mij als beelddenker, in de tijd dat de term nog niet bekend was geholpen heeft. Ik had muziekles van de de vierde klas lagere school tot aan mijn negentiende. En later, veel later, opnieuw, in de koormuziek. Steeds meer onderzoeken wijzen ook in de richting dat als kinderen klassieke muziek beoefenen het beter doen op school, lezen en rekenen beter, zouden beter samenwerken en hebben een hoger zelfbeeld. Er wordt zelfs onderzoek gedaan naar het beschermende effect van klassieke muziek op bepaalde delen in de hersenen verantwoordelijk voor bijvoorbeeld Parkinson en Alzheimer. Muziek heeft een positief effect op mensen met autisme, er lijkt dan ineens een deur open te gaan. 

Als ik schrijf staat er eigenlijk altijd wel Bach of tijdgenoten op, het zet enerzijds mijn hyper focus aan (heel erg nodig om alle beelden te vertalen naar taal die jij begrijpt) maar het haalt, voor mij althans, de bijbehorende onrust weg en kan ik mij langer concentreren. Ik zeg daarmee eigenlijk tegen bepaalde delen van mijn brein; luister daar maar naar, dan kan ik rustig schrijven. 

Nog wat wetenschappelijk bewezen voordelen:

  • Muziek luisteren die jij mooi vindt zorgt ervoor dat er meer dopamine wordt aangemaakt in de hersenen, het zogenaamde ‘gelukshormoon’.
  • Het verlaagt de aanmaak van cortisol, het stresshormoon, waardoor het stress vermindert en je dus gezonder maakt.
  • Luisteren naar klassieke muziek voor het naar bed gaan zorgt ervoor dat je sneller slaapt en ook beter slaapt. Het haalt het stof van je ziel af en vermindert symptomen van depressie.
  • Er is zelfs onderzoek gedaan naar het effect van klassieke muziek op je eetgedrag. Dim het licht en zet Bach op tijdens het eten en je eet minder. 
  • We hebben in Nederland zelfs onderzocht dat luisteren naar rustige muziek ons rijgedrag positief verandert. 
  • Muziek versterkt je leervermogen en verbetert je geheugen, alleen al doordat je met bepaalde muziek je beter kunt concentreren. Je kunt zelfs zeggen dat je met Bach het brein activeert en met Mozart het juist in slaap brengt. 
  • In veel ziekenhuizen wordt gewerkt en onderzocht hoe muziek inwerkt op het helend vermogen van de mens. Bepaalde onderzoeken geven aan dat het de pijn vermindert of in elk geval de beleving ervan. 
  • De verbale prestaties van je kind verbeteren door het geven van muziekonderwijs. Het gevolg is een beter contact tussen de hersengebieden van Wernicke en Broca. Deze gebieden (vernoemd naar hun ontdekkers) zijn verantwoordelijk voor respectievelijk het begrip van taal en voor de productie van taal. Door de invloed op de ontwikkeling van het auditieve systeem raakt muzikale training bij kinderen aan primaire functies als luisteren, taalverwerving, leesvaardigheid en emotionele intelligentie. Het kunnen onderscheiden van twee-klanken gaat kinderen makkelijker af als ze hebben leren luisteren naar muziek of een muziekinstrument bespelen. 

Hier een aantal van de vele interessante artikelen over het belang van muziek op ons brein en onze gezondheid; 

15 wetenschappelijk bewezen voordelen van muziek

Hoe muziek het verschil kan maken

Muziek en taalontwikkelingsstoornis

Wat muziek doet voor ons brein

Het belang van muziekonderwijs

Informatieverwerking en muziek

Muziek en autisme

Onze hersenhelften en muziek

Muziek spelen en ons brein

Muziek als medicijn

Muziekonderwijs is hot

‘De anatomie van de hersenen toont een nauwe relatie ligt tussen muziek en taalverwerking. Het muziekcentrum en het gebied van Wernicke (taalverwerking) liggen gespiegeld in de hersenschors, iets boven beide oren. Ze vormen de belangrijkste asymmetrie van de hersenhelften die functioneel symmetrisch zijn opgebouwd. Een centraal gelegen hersencentrum, de thalamus, dient als verdeelpunt: muziek en de intonatie van gesproken taal worden naar rechts en woorden naar links gestuurd. De hersenstam bewerkt de geluiden voor. Het gehele auditieve systeem ontwikkelt zich gedurende de kindertijd sterk onder invloed van training. Het moet stap voor stap worden opgebouwd want luisteren vergt veel meer dan je oren openzetten. Het is een actief proces waarbij de geluidsprikkels worden gefilterd en bewerkt om er informatie uit te halen.’

We geven in onze maatschappij zowel in het onderwijs als in werken, steeds meer aandacht aan onze cognitieve prestaties. Het hoofd wordt meer gewaardeerd dan het lijf, het verstand meer dan de gevoelens. Muziek luisteren, beleven en beoefenen brengt evenwicht daarin. Om alleen al de emotie van mensen soepel aan te voelen is het van belang de hersenen muzikaal te trainen. Die emotie in onze stem zit vaak verborgen in hele korte fragmenten van niet meer dan 50 milliseconde. Zie hier het verband tussen muziek en onze emotionele intelligentie. 

Geen groter blijk van liefde voor het leven dan het beleven van muziek. 

De ontvankelijkheid voor muziek begint trouwens al in de baarmoeder en heeft een direct verband met taalklankbeleving, zoals alles daar begint; 

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , , | 1 reactie

Beelddenker en het belang van functioneel lanterfanten

Ons brein en tijd

Uit school moest hij ondanks het mooie weer eerst nog een paar taken van school afmaken want ja, als je het in de klas niet op tijd klaar hebt dan moet het maar thuis. Meteen maar die stomme leesoefeningen er achteraan. Dat kon nog net voor de muziekles en daar zou zijn vader hem ophalen voor de extra voetbaltraining. Snel wat frietjes eten terwijl ze samen keken naar de paardrijles van zijn zus. Toen hij naar bed ging was er nauwelijks nog tijd om voor te lezen want moeder moest naar een afspraak. 

Druk zijn we

Het zijn geen uitzonderingen, eerder regelmaat. Lanterfanten mag niet, stel je voor! Je zou je eens kunnen vervelen. Druk zijn we, om maar niet te hoeven nadenken over ons leven.

Zich vervelen is in de oorspronkelijke betekenis van dit -onnodige- woord (net als ‘moeten’ en ‘maar’) ‘jezelf te veel zijn’, meer niet. Je bent jezelf even teveel. So what? Echter in onze nog steeds calvinistische maatschappij hebben wij afgesproken dat de betekenis van het woord verveling negatief moet zijn: 

Niet boeien en daardoor storend zijn. Tegenstaan. Gevoelens van onlust oproepend. Tot last zijn. Zich onprettig voelen omdat men onvoldoende bezigheid heeft. Niet weten wat te doen. Het wordt zelfs zorgelijk omschreven als een ‘toestand van desinteresse in welke activiteit dan ook’.

Lanterfanten is al even erg in de morele synoniemen;  luieren terwijl dat op dat moment ongepast is; niets doen; beuzelen; slabakken, leeglopen; rondhangen. 

Als je er op gaat googelen kom je alleen tips tegen hoe de verveling tegen te gaan en hoe het ‘overwonnen’ zou moeten worden. Je moet af van het lanterfanten en je moet het voorkomen. Verveling zou zelfs kunnen leiden tot crimineel gedrag volgens sommige nijvere deskundigen. En dagdromen moet ook ten allen tijde vermeden worden want dat werkt verveling in de hand. 

Verbaasd? De maatschappij mag dan qua uiterlijk veranderd zijn in razend snel tempo, onze standpunten worden nog steeds bepaald door het gedachtegoed uit vorige eeuwen. We leren namelijk niet echt veel bij. We geven kinderen onderwijs volgens een 100 jaar oud systeem, ik kan er een paar jaar naast zitten. 

Lanterfanten is broodnodig

Omdat we ons te weinig vervelen, omdat we te weinig functioneel lanterfanten, verandert er ook bitter weinig. Het deel van ons brein dat actief is tijdens verveling is juist dat deel wat zich bezighoudt met het oplossen van problemen. Met als effect een verhoogde creativiteit. Vervelen is een emotie waar we helaas bang voor zijn en wat we met zijn allen zorgvuldig proberen te vermijden. Terwijl het ons juist grootse inzichten kan opleveren. Tijdens het lanterfanten leg je verrassende verbanden en is het effect bijvoorbeeld een groter concentratievermogen. Het zet aan tot veranderingen. Volgens filosofen als Nietzsche is het misschien wel de enige manier om jezelf te leren kennen. 

druk zijn is uitstelgedrag

Het zou ook heel wat overprikkeling schelen als we wat meer in de lanterfant stand gingen. Al onze gedachten en prikkels even op een laag vuurtje terwijl ons brein manieren probeert te vinden om zich bezig te houden. Er zijn zelfs al pedagogen en wetenschappers die voorzichtig pleiten voor de noodzaak van verveling in het onderwijs.

Functioneel lanterfanten helpt je bovendien je chronisch uitstelgedrag te voorkomen.

Zit je verveling uit, luister ernaar, bekijk het gevoel zonder oordeel. Plan lanterfant-momenten in je te volle agenda. Als we tenminste ooit nog iets van werkelijke vooruitgang willen bereiken. De meest geniale Aha-momenten komen uit het niets van de verveling. Zoals je de tuin braak laat liggen gedurende het winterseizoen, zodat de grond zich kan herstellen.  

Wanneer deed jij voor het laatst 10 minuten niks?

Panda lanterfanter

Workshop Lanterfanten

Even rust om dichter bij je doel te komen.

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en een jaar in beeld, want taal is zo overschat

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en de moeiteloze magie van een simpel kerstverhaal

De kerstman heeft dirigenten in dienst. Ze zijn hem erg trouw en zorgen er al eeuwen voor dat de alom bekende kerstliedjes elk jaar weer opnieuw door vele koren gezongen worden. Op straten en pleinen. In kerken en tehuizen. Soms zelfs in een stal. Om in dienst van de kerstman te komen hoef je alleen maar in de kerstman te geloven. Dan word je vanzelf toegevoegd.

laundry notesDe oudste dirigenten kwamen 1 x per jaar in augustus bij elkaar om met de kerstman en zijn vrouw het repertoire voor dit jaar te bespreken. Dat was meer een formaliteit. Heel af en toe kwam er iets nieuws voorbij  geschreven door aan de kerstman toegewijde componisten. Verder bleef het een hoog Stille Nacht gehalte houden. Dat was ook goed. Dat was de traditie. Zo was het altijd geweest.

Dit jaar aarzelen de dirigenten enigszins. Er was wat gemor geweest onder de jonge dirigenten. Dat de traditionele kerstliedjes sleets waren, ouderwets, saai. Het zou tijd worden voor iets nieuws. Afschaffen was er zelfs gezegd. De Kerstman en zijn vrouw schrokken ervan. De muziekelven hadden zoiets in geen honderd jaar gehoord en intoneerden van schrik een halve toon lager. Tja. Wat nu? Kerst zou nooit meer hetzelfde zijn zonder nu zijt wellecome en driving home for Christmas. Allemaal stuk voor stuk persoonlijk door de kerstman geïnspireerd. Bedroefd gingen ze uit elkaar en beloofden elkaar naarstig op zoek te gaan naar een oplossing.

Een maand ging voorbij en niemand had nog een idee wat te doen. Wereldwijd verliepen de kerst koor repetities ongeïnspireerd en waren er nog minder tenoren dan anders. Zelfs de allernieuwste kerstliedjes klonken voor geen meter terwijl ze toch echt door kerstgecertificeerde componisten waren gemaakt.

Op een dag arriveerde de nieuwe solosopraanelf. Erg jong maar veelbelovend. De kerstman had geen keus gehad want de andere solosopraanelf had een baard gekregen. De jonge solosopraanelf hield zo erg van kerstliedjes en van zijn stem dat hij ze de hele dag zong. Onafgebroken klonk zijn heldere stem overal. Zelfs het meest oude vergeelde kerstlied klonk als nieuw uit zijn mond. Zelfs de meest doorgewinterde kerstelf bleef staan om te luisteren. De kerstman riep de nieuwe jonge solosopraanelf bij zich en vroeg hem naar zijn geheim. Hij wist eerst niet eens wat kerstman bedoelde en zo makkelijk als hij zong zo moeizaam praatte hij. De kerstman legde het hem uit. De hele wereld wilde van de oude kerstliedjes af omdat ze saai en ouderwets zouden zijn geworden. De jonge solosopraanelf geloofde zijn oren niet. Zijn moeder zou wel raad weten als de Kerstmandat tenminste goed vond.

Na ruim een week stond de jonge solosopraanelf weer in het kerstkantoor. Hij had zijn elvenmoeder meegebracht. Zij stond verlegen voor de grote kerstman. Fluisterend vertelde ze dat ze elk jaar na de kerst als niemand nog zin had in kerstliedjes zij ze allemaal verzamelde en in de was deed, haar moeder had dat ook altijd gedaan. De kerstman kon zijn oren niet geloven. Ze hingen dan overal te drogen. Dan streek ze ze glad en stopte ze op volgorde in de kerstliedjeskast achter slot en grendel.

Als er in augustus weer begonnen werd met de eerste repetities gaf zij iedereen zijn partijen en kwamen ze als nieuw uit de kast. Ze moest toegeven dat er enige magie bij kwam kijken maar ja dat was met kerst ook zo. De kerstman knikte. Zonder magie geen kerst en zonder kerst geen magie stond immers boven de ingang van de noordpool. Een deel van de magie  zat hem echter in het gebruik van de kast. De lange tijd in de kast zorgde er op de een of andere manier ook voor  dat de oude kerstliedjes iets van hun magie behielden.

Er viel geen tijd te verliezen. In een mum van tijd vlogen alle muziekelven over  de noordpool om her en der alle muziek te verzamelen. Er was geen rendier meer te krijgen. Ondertussen was iedereen die ook maar even gemist kon worden bezig met het vullen van tonnen, bakken, tobben, teilen en emmers met verse sneeuw. De moeder van de jonge solosopraanelf had in de kerstkranskeuken ondertussen haar geheime magische waspoeder gemaakt. Het waren glinsterende korrels. Rood en groen en goud. Zodra ze met de sneeuw in aanraking kwamen borrelde en bruiste het algauw als kleurig water en rook het naar lente, een beetje naar lavendel maar ook naar herfst bladeren. Een merkwaardige geur in elk geval. Iedereen liep te snuiven. Ze waren zo gewend aan dennengroen en kaneel. Met stapels tegelijk werd de gekreukelde vergeelde bladkerstmuziek in het bruisende water gelegd. Na een halve dag werd elk kerstlied zorgvuldig een voor een uit het water gevist, gladgestreken en buiten in de zon te drogen opgehangen. Eenmaal droog leken ze als nieuw, stralend wit en roken ze alsof ze zo van de kerst drukkerij kwamen.  De moeder van de jonge solosopraanelf verzamelde ze en maakte er, samen met de kerstman, keurige stapels van. Daarna werden ze in de kluis van de kerstman gelegd. Nu zat er verder niets anders op dan te wachten tot de magie zijn werk zou doen.

De kerstman skypte wekelijks met zijn dirigenten. Maar elke keer was hetzelfde. Steeds minder kerstkoren,  slechte nieuwe kerstliedjes en wanhopige koorleiders. Ten einde raad riep de Kerstman de moeder en de jonge solosopraanelf bij zich. Dit schoot niet op zo. De jonge solosopraanelf schuifelde naar voren en vertelde aarzelend dat er nog maar 1 oplossing was.

En zo geschiedde in die dagen. De moeder en de jonge solosopraanelf gingen samen met de polar express en wagonladingen kerstbladmuziek de wereld over. Via de daken en schoorstenen vervingen ze elk oud en vergeten vergeeld kerst lied door de heldere exemplaren. En langzaam, heel langzaam gingen de kerst koor repetities beter. Voor de kerst dirigenten was het enigszins verwarrend en het vroeg veel van hun flexibiliteit. Waar ze stille nacht  in het repertoire hadden bedacht zat nu dreaming of a White christmas. Dachten ze carol of the bells te hebben voorbereid kwam het koor op de proppen met o kindeke klein. Het kon ook zo maar zijn dat een vertrouwd lied ineens in een andere toonsoort werd gezongen. Ze zouden zweren dat ze bepaalde arrangementen nog nooit gehoord hadden. Verwarrend maar wonderschoon. De kerstman lachte in zijn baard toen hij de enthousiaste verhalen hoorde van zijn kerst dirigenten. Hij had de magie een handje geholpen door heel veel kerstbladmuziek te verwisselen en hier en daar subtiel te veranderen. De jonge solosopraanelf en zijn moeder bleven nog langer weg van de noordpool en verschenen ongemerkt op de kerst koor repetities waar ze de jongenssopranen hielpen met hun nieuwe partijen. Ze strooiden kwistig met het eeuwenoude kerstvertrouwen zodat hun stemmen onaards helder klonken, engelachtig. Alsof ze voor het eerst ten gehore werden gebracht.

Deze tijd vroeg om drastische maatregelen. Voor dit jaar was kerst weer gered.  

Soms is het alleen maar nodig om je plan in de kast te leggen en er later opnieuw naar te kijken. Zaken even laten sudderen. Soms hoef je maar een klein dingetje te veranderen en het ziet er weer als nieuw uit. Letterlijk een ander standpunt innemen geeft een andere kijk op bij op het eerste gezicht moeilijke beslissingen. Laat wat je dwarszit, wat je tegenhoudt eens even met rust en haal het na een tijdje uit de kast. Dat is de magie. Je hebt het zelf in huis. De spanning er af halen, iets totaal anders gaan doen en er met hernieuwde energie weer mee aan de slag gaan. Dat is ook het geheim van lanterfanten. 

Leer je te ontspannen en tegelijk je productiviteit te verhogen van de Meester Lanterfanter

Leer Lanterfanten

Er zijn nog een paar plekken

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en anders hou ik helemaal geen vriendjes meer over

MeerlingIn de gesprekken met de ouders klonk wanhoop. Hij was niet de onbezorgde 9-jarige zoon die ze zich gewenst hadden. Bovenmatig intelligent presteerde hij beter dan wie dan ook in zijn klas en leek hij tegelijkertijd het meest ongelukkige kind op de wereld. We besluiten een traject te doen, met beide ouders samen maar ook individueel. Daarnaast zou ik het gesprek aangaan met, laten we hem Tom noemen. 

Zijn bestudeerd piekerige kapsel, stijf van de gel, lijkt in tegenspraak met zijn ernstige uitdrukking. Wat me vooral opvalt, maar dat kan ook mijn eigen stuk zijn, is zijn weemoedige blik. Hoe dan ook, we blijken allebei goed in de bekende weetjes en watjes, kenmerkend voor als je je gelijke treft. In 5 minuten tijd hebben we de wereld gered van zijn ondergang, de oorzaak van het uitsterven van dinosauriërs blootgelegd en en passant het schoolsysteem veranderd.

We steken het bruggetje over naar nieuw terrein. 

‘Wat is leren voor jou Tom?’

Het gesprek nam een ander tempo. Hij keek me aan met zijn hoofd schuin, ogen half dichtgeknepen. ‘Ik vind leren leuk. De eerste keer dan.’ 

‘De eerste keer?’

‘Ja. Je kunt iets maar 1 keer leren. Tenzij je natuurlijk een fout maakt dan moet je het nog een keer leren. Maar anders niet en alleen de eerste keer is leren leuk.’ 

Ik vul in; ‘Hm. Zit daar het probleem?’ 

Hij springt met me mee. Knikt hevig en zegt; ‘Op school moet je alles wel 100 keer leren. Echt belachelijk en doodsaai. Hoe kun je nu iets wat je al weet maar telkens opnieuw leren?’ Ik gaf hem gelijk; ‘Het is ook belacheloos. Hoe vinden de andere kinderen in de klas het?’ Hij haalde zijn schouders op. ‘Kweetnie.’

Ik keek alleen maar.

‘Nou ja, die moeten soms echt wel iets 10 x herhalen voor ze t weten. En, eh, volgens mij vinden ze het soms wel vervelend dat ik alles weet.’ Hij haalde een hand over zijn gezicht en keek van me weg.

‘Alles?’ 

‘Ja!’

‘Hoe is dat om altijd alles te weten?’

‘Saai vooral. Soms laat ik maar niet merken dat ik het weet of dat ik het al kan.’ Hij lachte schamper; ‘Anders hou ik helemaal geen vriendjes meer over.’ Zijn hoofd hing naar beneden nu. Hij slikte en kuchte. 

Even snel richtte hij zich weer op, keek om zich heen en zei; ‘Wat gaan we verder nog doen?’ Hij keek me vragend aan. ‘Oh’, en hij liet zich weer zakken, ‘praten dus.’ Ik lachte en knikte; ‘Yep. Praten. Jij vooral dan. Vertel Tom, hoe is het met die vriendjes van jou?’ Het bleef stil. Hij ging ritmisch met zijn bovenlijf naar voor en achter terwijl zijn hoofd van links naar rechts bewoog. 

‘Ik heb geen beste vriend. Als je dat bedoelt. We spelen wel eens maar meestal willen ze andere dingen dan ik.’ Hij stond op. Handen in zijn zakken. ‘Ik hoor het wel hoor. Als ze in de klas zachtjes een s zeggen voor ze Tom zeggen.’ Sjokkend liep hij door de kamer. Staarde dromerig door het raam. De storm buiten leek goed bij zijn ‘binnen’ te passen.

Zijn moeder kwam de achterdeur in en maakte met zachte bewegingen een kop thee voor zichzelf. Schoof aan de keukentafel, met zicht op Toms achterhoofd. Ze knikte vol vertrouwen. 

‘Ben jij ook zo alleen?’

Hij was ineens voor me komen staan en keek me recht in de ogen. Vorsend. Geen ontkomen aan. Zijn adem was hoog en snel. Ik keek terug. De stilte voelde explosief. ‘Nou?’

‘Ja.’ 

De spanning gleed van hem af. 

‘Wat is dat toch met ons?’ uitte hij volwassen. Hij liet zich zuchtend op de bank vallen. Het kattenluik rammelde. Een pluizig nat beest sprong op zijn buik en gaf kopjes. Hij aaide haar even geconcentreerd tot ze zich op de bankleuning ging zitten wassen. ‘Soms denk ik wel eens dat alleen zij mijn beste vriend is. Maar ja, ze is al 13 dus die zal ook wel weer dood gaan.’ 

Interplay of drawing of a child and abstract design elements on the subject of in utero development, children, birth and pregnancy,Ik begaf mij op onbekend terrein; ‘Die zal ook wel weer doodgaan?’

‘Ik weet het ook niet, maar dat denk ik altijd. Dat alles altijd weggaat of doodgaat.’ 

‘Weet je nog wanneer je dat voor het eerst dacht?’

Met enige verbazing keek hij me weer aan en zei dat hij dat gewoon altijd dacht. We gingen er nog wat dieper op in. Er borrelde wat op bij mij. Altijd op het juiste moment, ook al zat ik hier in een vreemde huiskamer, zonder paard en zonder CREF-model. Ik vertrouwde op mijn gevoel, de energie.

We maakten samen de reis terug. Hij liet zich meevoeren. Werd steeds kleiner. Hij was er zelfs eerder dan ik. In de baarmoeder. Zacht maar helder vertelde hij hoe het daar was. Warm water met veel rood. Net als op vakantie in de zee. Tom vond het er gezellig. In het begin dan, zei hij. Toen bleef het stil. Tranen stroomden over zijn wangen. Ik bleef bij hem. Er was nog iemand geweest daar en ineens was ie weg. Bleef hij alleen achter. Heel alleen. Hij snapte het niet. ‘Waarom is hij weggegaan?’

Daar kwam dat gebrek van vertrouwen vandaan. Het ‘die zal ook wel weer doodgaan’. Geen vriendjes, want niemand was een geschikte vervanger voor zijn tweelingbroer. Niemand mocht die lege plek van zijn maatje, opvullen. Het raakte aan mijn eigen stuk met dat naar vriendschap zulk een mateloos verlangen wat nooit werd opgevuld. 

angelos tassopoulos

Het was een lange reis heen en terug, hierboven slechts samengevat. Terug in het nu kon Tom eindelijk gaan rouwen, het verdriet, het gemis op zijn plek zetten. Zijn vage schuldgevoel bekijken. Begrijpen wat er was gebeurd gaf al rust en het begin van vertrouwen. Weten waarom je dingen doet zoals je ze doet is een groot geschenk. Ik kon hem en zijn moeder uitleggen dat vanaf het moment van conceptie er een bewustzijn is. Dat er op cel niveau geheugen is. Hoe ons onderbewuste daarbij heel helpend kan zijn, als je er naar toe gaat. Ons lichaam weet het, je hoeft het maar te vragen. 

*****

Workshop LanterfantenLanterfanten

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , | 1 reactie

Beelddenker en u komt vast niet voor mij want ik ben nog niks

hokjes“U komt vast niet voor mij”,  zei hij terwijl hij langs me schoof naar zijn plek in de klas waar ik een observatie deed. “O”? Ik keek hem eens aan. Een warrige bos haar boven een serieus gezicht. “Nee, dat weet ik wel hoor, want ik ben nog niks.” 

O God, dacht ik, nee he!

Ik hoor het ze vaker zeggen en soms halen ze werkwoorden door elkaar. Vaker menen ze het. Ik informeerde even of we wel hardop mochten praten met elkaar. “Ja natuurlijk, kijk maar”. Hij wees naar een pictogram wat aangaf dat er zachtjes met elkaar gepraat mocht worden. Ik schoof wat dichter naar zijn tafeltje en zei; “Vertel.” “Nou, hij is AD eh dinges en zij is dyslexie. En ja, ik ben nog niks. Misschien komt dat nog. Ik hoop het maar.”

Toen ging er een stoplicht op rood en moesten we stil zijn in de klas.

wie ben je nog zonder diagnose

Na schooltijd heb ik hem bij me geroepen in overleg met de leerkracht. We hadden het over het verschil tussen hebben en zijn. Over talenten en mankementen. “Ik heb even met jouw juf gepraat en we hebben besloten dat jij ADHB bent.” Zijn gezicht lichtte op, er verscheen een scheve glimlach. Hij zuchtte; “O gelukkig. Maar eh, wat ben ik dan, eigenlijk?”

Ik had een sticker voor hem gemaakt: Alle Dagen Heel Bijzonder. Het bleef lang stil. Ik gaf de juf non verbaal aan de stilte te laten duren. Na een tijdje knikte hij; “Goh bedankt”, terwijl hij mijn hand langdurig schudde. Weer die scheve glimlach terwijl hij aan de juf vroeg: “Ik BEN bijzonder ook al HEB ik niets zoals de andere kinderen?” “Ja”, zei Juf, “Je bent heel bijzonder gewoon zoals je bent.”

Hij keek haar stralend aan, frummelde de sticker van het papier af, plakte hem op zijn voorhoofd en rende de klas uit. 

kudde schapenWe diagnosticeren wat af en vaak fout of onterecht en onnodig. En onbedoeld wellicht geven we onze kinderen mee dat je iets moet hebben om iets te zijn. Het stellen van een diagnose is: Het vaststellen welk onderliggend patroon, stoornis of ziekte ten grondslag ligt aan de vertoonde symptomen. Waarmee je dus een naam geeft aan de ziekte of afwijking. Dan past het in een hokje en denken we iets te kunnen gaan doen aan de symptomen waar wij zo’n last van hebben. De oorzaak gaan we uit de weg.

Hoeveel makke schapen gaan er in een klaslokaal?

Het onderwijs wordt steeds saaier met vooral aandacht voor taal en rekenen. Als je dan al een diagnose zou willen stellen dan zou dat kunnen zijn dat het huidige onderwijssysteem de kinderen van deze tijd niet boeit. Dat het niet passend is voor het kind. Dat je dan het onderwijs zou kunnen veranderen in plaats van kinderen te laten onderzoeken waarom ze zich niet aan het gemiddelde kunnen aanpassen. Het kind zien zoals hij is en het laten zijn, zou dat wat meer mogen? Een diagnose stellen betekent vaak nergens anders meer oog voor hebben, een tunnelvisie. Terwijl een kind zoveel meer is dan de som van zijn door ons aangekruiste symptomen.

Niet de leerling weg diagnosticeren maar de mammoet van het onderwijssysteem nu eens echt naar het museum dragen. Tafels kun je ook oefenen in de gymzaal. En waarom zijn er eigenlijk klaslokalen? Signalen dat er gelukkig al iets aan het veranderen is. Er komen steeds meer plekken waar je mag groeien.

Dezelfde warrige haardos kwam ik later nog eens tegen. Via zijn leerkracht. Hij zou faal angstig zijn als gevolg van een traumatisch ongeluk. Volgens de kinderpsycholoog van het ziekenhuis. Zou kunnen. Ik ben geen psycholoog. Wat ik vooral zag bij hem thuis was verdriet. Kinderen rouwen ook. Op hun eigen manier. Ik mocht hem en zijn moeder laten zien hoe je dat zou kunnen doen. Zodat hij langzamerhand weer meer zichzelf werd.

kinderen rouwen anders

“Er komen steeds meer dagen dat ik mij weer bijzonderder voel”, zei hij de laatste keer, met iets van zijn oude scheve glimlach. 

*****

Workshop Lanterfanten 04 januari 2018

met vroegboekkorting t/m 5 decemberlanterfanters

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en alleen bij ons is de film beter dan het boek.

Wij zijn verhalenvertellers. ‘Wij’ als in beelddenkers. Zonder enige structuur is het een uitdaging voor zowel verteller als luisteraar. Wij zijn verhalenvertellers, wij kunnen verhalen vertellen als geen ander. De beeldende taal en het andere tijdsbesef maken het echter tot een film met vooruitblikken en flashbacks. Alleen bij óns is de film beter dan het boek. Als wij dapper genoeg zijn om onszelf structuur en discipline op te leggen dan zijn wij in staat om het beeldverhaal in logische volgorde te zetten vóórdat we het vertellen. 

Goed verhaal

focus in the cloudsLees mee hoe ik een goed verhaal voorbereid, of het nu om een kerstverhaal of een lezing gaat. Vaak genoeg rolt het zomaar uit mijn pen en wordt daarna eindeloos aan geschaafd, vaker komt het verhaal niet vanzelf of loopt er teveel door mijn hoofd en dan is dit een goede remedie. 

Focussen dus (volgend blog). Op jouw manier. Zorgen voor de voor jou ideale omstandigheden. Voor mij is dat altijd minimaal; muziek en uitzicht op de wolken. 

Uit de vele altijd aanwezige ideeën in mijn hoofd kies ik de op dat moment meest aansprekende. Daar ga ik dan bewust over brainstormen, beeldstormen. Met plaatjes, met kleur, met woorden. Als een orkaan raas ik over het papier. 

Van de creatieve chaos maak ik een voor mij logische ordening. Dat heeft nog niets met tijd te maken. Het is meer het rubriceren, dingen bij elkaar zetten, wegstrepen en soms toevoegen. 

Dit is voor mij het leukste in het hele proces. Op papier met potlood, kleur, pastelkrijt en stiften geef ik elk onderdeel zorgvuldig zijn eigen plek. Ook hier is de logica en zeker elke tijdsvolgorde nog ver te zoeken. 

Het beeldverhaal heeft in deze fase zijn vorm gekregen door het mind-mappen en de vele associaties in mijn hoofd. Nu ga ik zorgen voor rust. Telefoon uit, geen pop-ups, een afleidingsvrij scherm. Zonder enig oordeel, kritiek of correctie (ja, dat is een kunst) begin ik moeiteloos op mijn toetsenbord te ratelen. Tomeloos tikken vanuit het hart zonder enige punctuatie. Hoe minder ik vastzit achter vaststaande overtuigingen, hoe vloeiender het gaat. Dat is in elk geval mijn winst uit de pijn van groeien in dit jaar. 

schrijven vanuit je hart

Is het verhaal uit dan ga ik na enige rust alinea’s maken van de tekstbrij. Daarna maak ik van elke alinea weer een plaatje op een los blaadje. Geen kunstwerken, meer een pictogram met de essentie. Daarmee ga ik net zo lang schuiven tot ik een logische, leesbare volgorde heb. Niet altijd chronologisch maar wel lees-logisch. Dat wordt aan elkaar geplakt. De alinea’s zet ik dan in de deze volgorde en meestal laat ik de ruwe versie lezen aan anderen. Dat zorgt voor hele zinnige feedback. Nodig omdat ik zelf inmiddels zo in het verhaal zit dat elke objectieve afstand bijna onmogelijk is. 

[Tussendoor Tip; Heeft je in beelden denkende kind moeite met het vertellen van een verhaal? Laat hem dan ook Plaatjes Plakken. Terwijl hij een verhaal vertelt, van de hak op de tak springend, luister jij aandachtig en maakt ondertussen een lijstje met kernwoorden. Daarmee maken jullie samen een klein aantal simpele plaatjes. Op losse velletjes papier. Bekijk dan samen de plaatjes en leg ze in chronologische volgorde. Laat hem het verhaal nu nog eens vertellen in de volgorde van plaatjes.]

Story Cubes

Mijn verhaal staat nu in de grondverf, met leesbare alinea’s, hoofdletters, punten en komma’s. Dan gaat het in de kast. Dat wil zeggen; de tekst wordt afgeschermd opgeslagen in de cloud en het verhaal gaat in mijn hoofd in mijn bibliotheek. Daar ligt het te rijpen. Gedurende deze tijd, soms uren, dagen, soms weken, lees ik geen boek. Af en toe neem ik plaats in mijn eigen bieb en bekijk het verhaal nog eens aan alle kanten.  Ik luister naar wat de hoofdpersonen zeggen. Ik speel met het plot. Maar ik verander er geen letter aan. Dit hele proces draagt op den duur bij, niet onbelangrijk, aan het beter in staat zijn om ook spontaan verhalen te vertellen! Dat was tip 2. 

Als het zover is, meestal omdat een nieuw verhaal zich aandient of er een deadline is, ga ik opnieuw in de niet-storen-stand en schrijf de definitieve versie. De puntjes op de ï, spelling, hier en daar een enkel woord veranderen. Een keer hardop voorlezen, opnemen en terugluisteren. Kijken of het naast leesbaar ook luisterbaar is. Vaak door het hardop aan mezelf voor te lezen merk ik of het verhaal loopt, of de zinnen kloppen, of de dialogen natuurlijk zijn. 

Zelf een verhaal vertellen aan je kind(eren) helpt trouwens ook. Dat is natuurlijk met alles zo, maar zeker met vertellen. Het begint bij jou als ouder. Ben jij zelf wel zo chronologisch? Het is ook het seizoen om verhalen te vertellen. 

dreamhouses

Als laatste knip ik de navelstreng door. Een nieuw verhaal in zijn definitieve vorm. Klaar om verteld te worden. Later, als ik groot ben. Of eerder al, maar dat vertel ik nog. 

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en hoe gesloopt ben jij na de feestmaand december?

Hoe je ook de feestdagen ingaat, heb je wel eens aan je kind gevraagd hoe hij de feestdagen zou willen doorbrengen? Het kon je nog wel eens verrassen. Als je weet welk beeld je kind in zijn hoofd heeft over de komende feestdagen en de vakantie, dan weet je meteen of dat wel overeenkomt met de werkelijkheid zoals jij die bedacht hebt. Wie weet kun je samen het beeld bijstellen en krijg je onverwachte ideetjes aangereikt. 

Herfst is vertragen LJ Holloway

Vertragen

Het is bizar hoe wij in de herfst  nog een tandje hoger gaan. In september gaan we op volle kracht vooruit na de betrekkelijke zomerstilte. We zijn niet meer in staat te vertragen en duikelen in volle vaart de feestmaand in. Terwijl de natuur om ons heen laat zien dat het tijd is om los te laten, te reflecteren en in de ruststand te gaan. Doe je dat niet dan is de kans groot dat je het nieuwe jaar al gesloopt begint.

Ga in gesprek

Als Disney World niet haalbaar is kun je door goed te luisteren wel ontdekken welke behoefte er onder ligt. Of als er weerzin is tegen het kerstdiner met 20 man kun je bekijken hoe je dit samen ‘behapbaar’ maakt. Het belangrijkste is dat je luistert en daardoor doet wat goed voelt voor jou en je gezin. Dat kan soms betekenen dat je niet altijd voldoet aan de verwachtingen van de omgeving. ‘Nee’, is een volledige zin. Een waardevol stukje opvoeding; laten zien dat je niet altijd hoeft te voldoen aan de verwachtingen van de mensen om je heen. Je krijgt daardoor wel een feestmaand in een ontspannen sfeer. Dan ben je ook beter opgewassen tegen de vaak gure en nog donkere januari en februari maanden. Maak afspraken met de leerkracht wat het beste is voor je kind. Misschien blijf hij wel eens een keer extra thuis om overprikkeling te voorkomen. Of doet hij een keer niet mee met alle activiteiten. Eerder naar huis. Ik hoor en lees dat kinderen zich enorm druk kunnen maken over de rommelpiet. Overleg eens hoe je dit zou kunnen oplossen. Voel waar de behoefte ligt van jou en je gezin. 

Me time

You should sit in meditation for 20 minutes a day unless you're too busy then you should sit for an hourWie of waar je ook bent, besluit voor de gehele periode vanaf Sinterklaas tot en met Nieuwjaarsdag, elke dag minimaal een half uur tijd voor jezelf in te plannen. In welke situatie dan ook, met of zonder druk gezin, met of zonder drukke baan, een half uur per dag doen waar jij gelukkig van wordt. In je eentje. Je zult zien dat je er, ondanks de vaak overvolle feestdagen, prettiger gezelschap van wordt, voor jezelf en voor de ander. Plan deze individuele rustmomenten in. Waarbij je afspreekt dat je elkaar daar ook aan zult houden. Dus de ander helpen er aan te herinneren en er rekening mee te houden. Vergeet jezelf als ouder niet. Met name de decembermaand vraagt vaak veel van jou als thuismanager. Geef ze daarom het goede voorbeeld door deze momenten zichtbaar in te plannen en ze ook echt te nemen. Je geeft je kind een belangrijke les mee door even alleen te willen zijn, een half uurtje doen waar jij gelukkig van wordt en te laten zien hoe jij je daardoor op kunt laden. Weten jullie meteen van elkaar waar de ander gelukkig van wordt.

Schrappen

vuurorf

Als je een weekplanner gebruikt kun je sint en kerst activiteiten beeldend inplannen, dat schept duidelijkheid. En hoewel je misschien niet zo’n planner bent begint het allemaal met de juiste voorbereiding. Maak de feestmaand eens samen visueel met een planbord of teken samen de decembermaand. Vul samen in wanneer er sinterklaas en kerst vieringen zijn, verjaardag feestjes, kerst musicals, familie bezoeken, vakantie. Zo zie je heel snel op welke dagen er wel heel veel te doen is en of de kerstborrel samenvalt met een schoolfeest. Waar kun je schrappen? Waar kom je echt niet onderuit? Waar ga je heel bewust rustmomenten inbouwen? Af en toe een dag zonder afspraken komt echt de sfeer op de overige dagen ten goede. Lanterfanten is de ruststand voor ons brein. 


Mag het licht uit!

Ons fel witte licht houdt ons uit onze winterslaap stand. Doe het licht uit. Steek bewust samen kaarsen aan. Geen geluid, geen activiteit. Alleen het zachte licht en de beweging van kaarsen, lichtjes en olielampjes, de open haard. Met een dekentje buiten bij de vuurkorf warme chocolademelk drinken. Ontspan, adem rustig en diep, staar in de vlammen. Hoe hyper je kind ook is in deze over gestimuleerde feestmaanden, ze nemen als vanzelf jouw rustige houding over. 

Lees dan eens een verhaal voor.

voorlezenAls je dat nog niet gewend was is het nu een prima tijd om ermee te beginnen. Voorlezen is rustgevend, het versterkt de onderlinge band, het ontwikkelt de luister vaardigheid en het verrijkt de woordenschat en je maakt samen prachtige herinneringen. Oudere kinderen luisteren vaak onopvallend ook mee, al geef je dat als puber natuurlijk nooit toe. 

Regels?

Ontkom je niet aan verplichte drukke kerstdiners en lange familiebezoeken, ga dan ruim van te voren in gesprek daarover. Welk beeld heeft je kind daarvan? Zijn er regels en hoe strak zijn die? Wanneer ‘mag’ je kind van tafel? Als je kind een rustmoment nodig gaat hebben spreek daar dan van tevoren iets over af. De een gaat met zijn Ipad onder de tafel liggen, de ander wil op bed lezen of juist even alleen naar buiten. En maak duidelijk dat het mag, dan staat je kind het zichzelf ook makkelijker toe. 

wegens vakantie gesloten

Vrije  tijd 

Vraag eens hoe je kind vrije tijd en vakantie ziet. Mag dat inderdaad zalig nietsdoen zijn van jou? Als de school dichtgaat, mag dan de druk er ook werkelijk af? Dat is nodig om ons weer op te laden. Doe het in elk geval samen, overval je kind niet met de ene activiteit na de andere. 

Geplaatst in Beelddenken | 1 reactie

Beelddenker en het deel van mij dat ik verloor toen ik naar school ging.

Aan het strand (her)ontdek ik mijn spelende kleine jongen die ik, zoals Robert Bly, achterliet toen ik naar school ging. Bly’s broer is hier ons spontane magische kind.

Ik heb mijn broeder weggestuurd. Ik heb hem meegegeven aan de donkere mensen die voorbij kwamen….

Ze leerden hem zijn haar lang te dragen, naakt rond te sluipen, water uit zijn handen te drinken, paarden vast te binden, het vage spoor door het geknakte gras te volgen….

Ik nam mijn broeder mee naar de overzijde van de rivier, en zwom terug zodat mijn broeder alleen op de oever achterbleef. 

Op Sixty-sixth Street bemerkte ik dat hij niet meer bij me was.

Ik ging zitten en weende.

– Robert Bly, A Dream of my Brother

Uit ‘ Wanneer koesteren hoop betekent’ van John Bradshaw.

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en onze complexe afwisselende binnenwereld versus de platte leerboeken in de klas

“Kom! We gaan naar de hut.” Hij rende al vooruit naar een lichte verhoging in het landschap. Daar, op de heuvel, stond een hut. Alleen zichtbaar voor hem en zijn twee beste vrienden. Ze gingen naar binnen met een uiterst geheim wachtwoord en sloten de deur zorgvuldig af. Het spel was begonnen. Alleen moeder mocht deel uitmaken van het geheime bondgenootschap en kon ongehinderd naar binnen, met frisdrank en pannenkoeken. 

Loesje Hoe kan ik nu werken aan mijn ruimtelijk inzicht in zo'n klein lokaalSpelenderwijs

Spelen, buiten spelen, bewegen. Het is ongelooflijk belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. De meeste leervaardigheden worden in het spel ontwikkeld, niet door stil te zitten in een schoolbankje. Omdat een kind meer en sneller leert vanuit nieuwsgierigheid. In het spel is zoveel te ontdekken, te leren, te vragen. 

Ruimtelijk

Voor beelddenkers uit mijn praktijk – vaak hoogbegaafd en in enige mate (hoog)sensitief – is elke vorm van spelen misschien nog wel belangrijker om te kunnen leren. Onze, met name ruimtelijke verbeelding gaat vaak met ons op de loop en stelt ons in staat van alles een spel te maken. Zonder enig tijdsbesef opgaan in Lego of Minecraft of met een paar stokjes  in het bos, een schepnetje en een sloot. Kijk naar ons als we spelen en de labels ‘ongeorganiseerd’ en ‘niet-geconcentreerd’ zijn er ineens niet meer. 

Zintuiglijk

Wij zijn visueel ruimtelijk ingesteld en we zien en spelen in 3 D, zowel in ons hoofd als daarbuiten. Onze binnenwereld is complexer en afwisselender dan de platte werkbladen en leerboeken in de klas. Ons talent stelt ons in staat om door werkelijkheid en fantasie heen overeenkomsten en verbindingen te ontdekken, altijd maar weer. Laat ons spelen en met alle zintuigen tegelijk, zien, horen, ruiken, voelen en ervaren we het grote plaatje. Zien zo onmiddellijk wat er aan de hand is en wat de essentie is, verbinden alle schakels, als in een razendsnelle totaalscan. We nemen onze omgeving waar in 360 graden. Wat zo binnen komt is zoveel rijker en uitdagender dan zoiets triviaals als een punt zetten aan het einde van een zin. We hebben een groter bewustzijn wat minder geschikt is voor details, tenzij het detail boeiend wordt aangeboden en past bij onze helikopterview. 

zeepbellen

Zie ons spelen

Als je goed kijkt zie je onze ‘radar’ voor elke kleine verandering in onze (spel)omgeving. Een minimale verschuiving in de energie, de toon van de stemmen om ons heen, de signalen dat er iets staat te gebeuren voordat jij het zelfs maar kunt bedenken. We absorberen alles om ons heen, ondergedompeld in de ervaring. Als het onderwijs, de leerkracht daar op aan kan sluiten, het laten leren vanuit het rijke ervaren van de beelddenker dan zullen wij het geleerde altijd onthouden. Spelen daagt leerkracht en leerling uit, het rekt ons denkvermogen op, het daagt ons beiden intellectueel uit en we voelen ons er letterlijk beter bij.

Ervaren

Ondernemerschap aan den lijve ervaren op een Dickens Fair, spelsimulaties bedenken, het zelf ontwerpen van een bordspel, samen ondergedompeld zijn in een langer project, uitdagende wedstrijden, het bouwen van een website, een nieuw apparaat uitvinden, kunst, muziek, poëzie, toneel. Daarmee vervul je onze leerbehoeften. Laat ons spelen, leren, in een kleurrijke stimulerende omgeving. Wat we zelf al spelend mogen ervaren, blijft hangen en weten we razendsnel uit te breiden met nieuwe interessante verbindingen. En ook de taaldenkers hebben baat bij deze benadering. De schijnbaar ongecontroleerde, drukke, lastige leerling zonder focus zal zo een katalysator kunnen zijn en het klassikale leerproces versnellen en verbeteren. Als de beelddenkers zo mogen leren, zullen ze de rest van de klas stimuleren, meenemen. Noem het de magische aantrekkingskracht van een beelddenker als hij lekker in zijn vel zit en zijn talenten mag benutten. 

De cirkel en het vierkant

Waar dat nog niet zo is, ligt een ‘taak’ voor ons als beelddenker zelf en de ouders. Wij zullen ons nu nog blijven verhouden tot het huidige onderwijssysteem als een cirkel tot een vierkant. Laat de rondingen niet eindeloos ten koste van alles oprekken omdat het zo nodig zou moeten passen. Ga niet thuis nog meer extra school taken doen want ja het niveau moet toch omhoog. Maar laat ze spelen, laat ze opgaan in hun spel, laat ze bewegen, laat ze zelf ontdekken. Grote kans dat als ze willen weten hoe de visjes in de sloot heten en wat ze eten, om maar eens wat te noemen, dat ze ineens willen gaan leren lezen, in een eigen tempo, op een eigen manier. Als je voor de klas nog niet zover bent, laat ze dan in elk geval tussen de lessen door bewegen en heb het lef ze veel buiten te laten spelen. Hoe zou het zijn om aan het begin te staan van een verandering in het leren?

Wouter Tulp Stroebel en Sara

Wouter Tulp, Stroebel en Sara

Ze sloten zorgvuldig hun onzichtbare hut af en spraken bezweringen uit zodat niemand hem zou kunnen vinden, laat staan er binnen gaan. Ze hadden touwen om hun schouders en stevige houten zwaarden. Alle drie hadden ze een teddybeer in hun rugzak.

Het was een lastige beslissing geweest maar nu was het dan zover. Het doden van draken moest maar eens afgelopen zijn. Vanaf nu zouden ze alleen nog maar draken vangen om ze te temmen en te berijden. 

Geplaatst in Beelddenken | Een reactie plaatsen

Beelddenker en waag het niet ooit nog eens die toon tegen me aan te slaan!

Als mensen mij vinden willen ze veranderen. Ze hebben lang genoeg uit het raam gekeken hoe het leven aan hen voorbijging. Nu willen ze naar buiten, er deel van uit gaan maken, samen met mij de angst overwinnen om hun vleugels te gebruiken, hun eigen radertje te zijn, zelf (weer) aan het roer te staan. Dan is het wel van belang dat de omgeving mee gaat bewegen in het proces van verandering. Dat is vaak niet zo. ChangeHij was de bekende stille dromer. Zijn grootste talent bestond uit het onopvallend matig presteren waardoor hij perfect leek te passen in het onderwijs van gemiddelden en sociaal gewenst gedrag. Zijn ouders dachten echter dat er meer in hem zat en dat hij misschien wat gelukkiger zou kunnen zijn. Ze hadden er namelijk last van dat hij soms volkomen onverwacht kon uitbarsten als hij vond dat iets onrechtvaardig was. De toon die hij dan aansloeg! Maar dat hadden ze nu onder controle. Dus, maak mijn kind gelukkig, daar kwam het zo ongeveer op neer. 

We gingen samen op zoek. Op zoek naar zijn zelf, ik kan het niet anders noemen. Ik zag de dromer, de onderpresteerder. Ik vermoedde de vulkaan maar hij kwam verder vlak, zelfs bijna onverschillig over. Uitdagen, porren, prikken, zelfs liefdevol provoceren, ik leek niet tot hem door te dringen.

Tot mijn Pluis ingreep, op haar manier. Getraumatiseerd als ze is, zal ze nooit zo snel toenadering zoeken. Dit keer schurkte ze echter langs zijn benen, gaf zelfs kopjes. Ineens zag ik iets in zijn ogen. Tot mijn schrik tilde hij haar op. Ik zag ons al naar de eerste hulp snellen want poes kan vanuit angst behoorlijk haar nagels gebruiken. Ze liet het toe, ontspande en ging naast hem liggen spinnen terwijl hij haar zachtjes aaide. Ik vertelde het verhaal van haar traumatisch verleden en hoe ze hier langzaamaan haar vertrouwen had teruggekregen. Daar kwamen de tranen; “Dat mag iemand nooit doen met dieren”, snikte hij hortend en stotend. “Sorry hoor”,  zei hij telkens, “ik mag helemaal niet huilen en zeker niet om een kat, sorry hoor.” Tot hij mijn tranen zag, ik geloof niet in professionele afstand. Grote ogen. Hij hapte naar adem; “Durf jij zomaar te huilen?”

De verbinding, de klik, was ineens ontstaan. We werkten samen een aantal keren aan het uiten van zijn gevoelens. Telkens met Pluis naast zich op de bank. Een mooi laatste traject in mijn oude huis waar de dozen al klaar stonden. Het verschil tussen verdriet en ontroering. Dat boosheid er mag zijn, dat het oké is om bang te zijn. Hij maakte grote sprongen. Zijn omgeving merkte dat. Oeps. Dat was blijkbaar niet de bedoeling. Er ontstonden twijfels bij ouders en leerkrachten. Hij gedroeg zich steeds meer onrustig in de klas, pikte niet zomaar alles meer, ja, werd zelfs brutaal!

Who would you be without your storyIk werd ‘ontslagen’ door de verontwaardigde ouders, maar gelukkig, het ‘kwaad’ was al geschied, onomkeerbaar. Het nieuwe schooljaar begon met een nieuwe leerkracht, die in de uiterst summiere overdracht had gelezen dat het verboden was dat ik nog contact zocht, dus deed zij dat maar :-). Zijn cijfers gingen omhoog, hij kreeg plezier in het leren, ging zaken ter discussie stellen en wist zich steeds beter te uiten. Niemand kon hem meer verbieden boos te zijn, hij was zichzelf geworden, ook al mocht dat niet. Het kon hem niet meer schelen dat het uiten van angst, verdriet en vreugde fout was in de ogen van zijn opvoeders. Hij dacht wat hij wilde denken, hij wilde alles wat hij wou, hij durfde te voelen wat er was, sloeg zijn eigen toon aan zonder zich af te vragen of het wel (aan)gepast was. Hij had zichzelf gevonden, anders misschien dan anderen maar vooral zichzelf.  

Op het juiste moment, zoals altijd, was hij op mijn pad gekomen en spiegelde mij. 

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Beelddenker en als we kinderen vertellen wat ze niet kunnen dan wordt dat hun innerlijke stem

Hij deed het goed. In mijn ogen. Met een dikke rimpel, dat wel. Af en toe gromde hij als zijn ouders een opmerking maakten. Irritatie? Op gevoel vroeg ik hem hoeveel zinnen hij kon maken met het woord ‘niet’ er in. Zijn wenkbrauwen gingen omhoog. “Hoeveel wil je er?” Hieronder een samenvatting van zijn haastige krabbels. 

faalangstUit: LEREN LEREN Methode -Illustratie Jan Zandstra

  • Dat kun jij niet 
  • Dat lukt jou toch niet 
  • Gaat niet werken 
  • Je moet toch wat, niet?
  • Je moet niet denken dat je alles maar kunt wat je wilt
  • Dromen is voor jou niet weggelegd
  • Het kan niet elke dag feest zijn
  • Je kunt niet allemaal handig zijn
  • Zat erin hè dat het niet ging lukken 
  • Doe maar niet, straks gaat je kop eraf

Schrikbarend, niet? 

Het was wat hij te horen kreeg van zijn omgeving. Langzamerhand was hij zijn ‘nieten’ geworden. Dat is wat er gebeurd als we kinderen vertellen waar ze allemaal niet goed in zijn en wat ze niet kunnen. Dat wordt hun innerlijke stem. We hebben ze samen 1 voor 1 om gedacht naar helpende gedachten. De volgende sessie deed ik zonder zijn ouders, zonder verwijten. Je doet wat je weet. 

Ik zat naast hem in de wei. Op twee tuinstoelen. In de late herfstzon. Paarden graasden om ons heen. We zaten daar maar. Zijn frons verdween, zijn uitdrukking ontspande. Met een diepe zucht zakte hij na een paar minuten achterover in de stoel, daalde hij in zijn lijf. “Kunnen we hier altijd blijven?” 

“Hoeveel paarden zie je?”

“Vier.”

“Mooi. Hebben we het rekenen voor vandaag ook gehad! Weet je de namen nog?”

Hij noemde ze na enig aarzelen. Konden we daarmee taal ook afsluiten voor deze keer. De stilte en ontspanning gingen door. 

“Ik denk dat paarden heel wijs zijn”, zei hij na verloop van tijd. 

“Zo wijs dat je ze om raad, om hulp kunt vragen?” 

“Ja, als ik met ze zou kunnen praten, dan wel ja”, zuchtte hij. 

“Dat kan hoor. Kies er maar een uit”. Hij schoot overeind. Schudde zijn hoofd. “Nee”, zei hij, “dat meen je niet!?” Ik knikte van wel. “Hoe dan? Hoe dan?” Hij wipte op zijn stoel. De kudde hield even op met grazen. “Je legt op jouw manier contact met ze en dan stel je je vraag.” Hij keek van mij naar de paarden, inmiddels in ruststand. Na wat vragen, zoeken en proberen, ontspande hij zich, haalde een paar keer diep adem en sloot zijn ogen. Na lange minuten deed hij zijn ogen open en stond de kudde om ons heen. Eentje snuffelde aan zijn hoofd. “Wow”, fluisterde hij. Zijn ogen zwommen. We konden samen in dat moment blijven tot ze weer verder gingen met grazen. 

Onrust in je hoofdIk vroeg hem over thuis. Onrust in de kudde, er werd wat heen en weer gerend. Ik vroeg hem over school. Helikopters raasden over. Ik vroeg hem over leren. Drie grote landbouw machines bonkten door de stilte. Werd hij niet gehoord? “Wat er in mijn hoofd gebeurd, dat begrijpen ze niet. Ik kan het niet goed uitleggen. Vaak. Dan word ik wel boos. Dan ga ik schreeuwen en dan snappen ze me helemaal niet meer.” 

“Hoe is dat nu, hier?”

De vraag bleef even hangen in de stilte. 

“Hier kan ik het zien. Omdat het dan rustig is in mijn hoofd, kan ik het uitleggen. Jij snapt me en de paarden volgens mij ook.”

horse eye

Hij had zijn favoriet uit de kudde gevraagd hem daarbij te helpen. In gedachten nam hij de grijze kleur als symbool met zich mee. Net als de vraag om over na te denken, na te voelen, wat hij anders zou willen doen op het moment dat hij het gevoel had dat ‘men’ hem niet begreep. Terwijl we door de wei terug liepen zag ik uit mijn ooghoek zijn favoriet ons volgen. Hij voelde het ook, draaide zich om en wachtte. Ze kwam rustig dichterbij, stond vlak voor hem stil, snuffelde aan zijn buik en duwde hem zachtjes vooruit.

Bij het hek draaide hij zich om, zwaaide naar de kudde en riep; “Tot de volgende keer!” Het gehinnik wat volgde had zomaar een antwoord, een groet kunnen zijn.  

 

 

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , | 3 reacties

Beelddenker en de absurditeit van de vraag; wat wil je later worden?

Ik dacht dat ik al wat was ‘Jan wil later ook boer worden’, zegt de trotse vader tijdens de intake. ‘Kan hij mooi het bedrijf overnemen.’ ‘Goh’, zeg ik zo neutraal mogelijk, ‘heb je altijd al boer willen worden?’ Jan schudt zijn hoofd. ‘Nee, eerst wilde ik dokter worden en toen veearts. En toen niet meer. En nu wil ik net als papa op de trekker rijden.’ Hoewel ik vooral bezig ben met wat mijn cliëntjes zijn op dit moment in plaats van wat ze later willen worden krijg ik op deze manier wel veel interessante informatie aangereikt. 

Jan staat voor veel kinderen. Ze zijn vooral bezig met het hier en nu. Vandaag is belangrijk, dit moment. Zelfs morgen kan in hun beleving ver weg zijn. Voor de omgeving is dat blijkbaar niet genoeg. Het is niet genoeg wie je nu bent. Het gaat er om wat je later wilt worden. Zo snel als mogelijk is willen ze je voorbereiden op de dagelijkse lasten van een degelijke (vooral niet leuke) baan met auto en te hoge hypotheek zodat we uren in de file staan om het huis te kunnen betalen waar we bijna nooit zijn. We leren ze stelselmatig de waardevolle kunst af om in het nu te leven en wekken de indruk dat wie ze zijn nog lang niet goed genoeg is. In de klas en thuis wordt ze regelmatig gevraagd of ze al weten wat ze later willen worden. Als ze daar dan al een antwoord op hebben om jou te plezieren; chirurg, piloot of dokter, sabelen we ze meteen neer. Daar moet je wel heel veel voor leren hoor. Dan moet je heel lang naar school. Dan mag je wel eens beter je best gaan doen op school. Kun jij dan wel zo goed leren? Dan mag je Cito-score wel eens wat hoger. Dat is toch niks voor je jou, je hebt hoogtevrees, je kunt niet tegen bloed. 

born to stand outJan zei wat hij zich op dat moment kon voorstellen, morgen kon het weer anders zijn. Daarmee voldeed hij natuurlijk niet aan de verwachtingen. Hij leerde snel. ‘Ik word boer, net als papa’. Kijk, daar scoorde hij hoog mee, dat was precies het antwoord dat men van hem verwachtte. Hij was er inmiddels zelf ook van overtuigd dat hij niet kon leren. 

Ik was er ook nooit mee bezig. Als men bleef aandringen, thuis en op school dan haalde ik mijn schouders op. Ik wist het echt niet. Na verloop van tijd antwoordde ik dat ik ‘Jack’ wilde zijn. De rebelse dierenarts uit de serie met de schele leeuw. Hij handelde nooit volgens protocol, kwam daardoor steevast in de problemen maar; hij redde er vele levens mee. Grote inspiratiebron op het schoolplein als er een nieuw avontuur nodig was. De omgeving vulde dan in dat ik dierenarts wilde worden. En dat kon natuurlijk helemaal niet, not done in de familie, bovendien kon ik toch niet leren?

Hoe leg je als 8 jarige uit dat je op dit moment alleen maar Jack wilde zijn om wie hij was, omdat hij anders was en daar geen probleem mee leek te hebben. Ik wist inmiddels uit ervaring dat het knap lastig was om anders te zijn dan het gemiddelde

Het kostte niet veel denkwerk om al snel het meest bevredigende antwoord te vinden. Waardoor ik verzekerd was van complimentjes en vertederde blikken. Ik ging soldaat worden, net als mijn vader. Daarna werd er nooit meer naar gevraagd. Ze hadden me er van overtuigd dat ik toch niet kon leren. 

Dan kom je in een gezin waar de oudste zoon worstelt met een opstel, nota bene als huiswerk meegekregen met als titel, jawel; Wat ik later wil worden. Hij wist het niet, vond het een stomme titel en had al uren met een leeg vel voor zich gezeten. Ik gaf hem groots gelijk, zijn ouders ook. Wat een ruimte gaf dat en wat een ontspanning op zijn gezicht. In een paar zinnen beschreef hij wat hij vond van de opdracht en wat hij nu wilde zijn. Hij ontving er natuurlijk een magere V voor met rode pen. Maar de boost voor zijn zelfbeeld was onbetaalbaar. 

Geplaatst in Beelddenken | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen